Waarom de stakingen voor meer loon terecht zijn
Gisteren schreef redacteur economie Johan Rasking in De Standaard een analyse waarom de stakingen voor meer loon geen goede zaak zouden zijn. Deze analyse was uiterst éénzijdig en becommentarieerde de recente stakingen voor meer loon vanuit een puur neoliberale logica. Deze logica verplicht ons alsvolgt te redeneren: enkel belastingsverlagingen en het gedwee nakomen van de eisen van het patronaat zullen ons voorspoed brengen.
Bart Vandersteene
Deze logica wordt echter door de realiteit tegengesproken. Een reële verarming van de werkende bevolking is er het resultaat van. Bruto-lonen en openbare diensten gefinancierd door de gemeenschap werden de laatste 20 jaar geplunderd.
Volgens Rasking willen de arbeiders van Ford “the best of two worlds: de index, sowieso en daarbovenop een extra een extra tussentijdse loonsverhoging.” Dat is inderdaad het resultaat van het jarenlang uitkleden van de index. Want wie beweert dat de index de reële prijsstijgingen uitdrukt, zit er dik naast. Eerst en vooral is er reeds de gezondheidsindex die leidt tot een daling van de koopkracht. Daarnaast is er ook nog de samenstelling van de korf van producten die wordt gebruikt om het indexcijfer te bepalen. In die korf wordt de kost voor wonen beperkt tot 7% van het uitgavenpakket en dit via het verrekenen van de huurprijzen. De realiteit voor de woonkost ligt eerder tussen de 25 en 30% van het beschikbaar inkomen. De huidige korf betekent dus dat de verdubbeling van de prijzen voor woningen, appartementen en bouwgrond nauwelijks verrekend wordt in de index. Ook andere noodzakelijke producten zijn ondervertegenwoordigd. Volgens een eenvoudig onderzoek van De Morgen zijn voedingswaren de afgelopen maanden 2% duurder geworden op maandbasis. Aan dit tempo komen we binnen een jaar uit op een stijging van 25%. Wie durft te beweren dat de index voldoende is om de koopkracht van ons allen te beschermen, lacht ons in het gezicht uit.
Rasking schrijft dat “de spontane roep naar meer koopkracht alles te maken heeft met de aanhoudende prijsstijgingen van energie en voedingswaren. En, misschien nog meer, met de beeldvorming door politici, vakbondsleiders en media over de verarming van de ‘gewone man’. Elk artikel over duurder geworden winkelkarretjes zal nog meer stakers aanmoedigen.” Ach zo, het is de beeldvorming. En wij die dachten dat er een reële stijging van prijzen, een reële verarming van de bevolking en een reëel boerenjaar voor de grote bedrijven met historische winsten was. Even ter herinnering: volgens Trends maakten de 30.000 grootste Belgische bedrijven 77,4 miljard euro winst in 2006 tegenover 62 miljard euro in 2005. Maar Verhofstadt en Leterme vinden geen 2 miljard voor de koopkracht? Hoe verklaar je dat? Enkel door de vaststelling dat de middelen er zijn, maar de politieke wil ontbreekt om ze voor de gemeenschap te benutten.
De traditionele partijen hadden geen enkel probleem om vlotjes de ruimte en de middelen te vinden voor cadeaus à la notionele interestaftrek. Minstens 1 miljard euro kost dit presentje aan de grote bedrijven ons jaarlijks. Maar voor maatregelen ter verhoging van de koopkracht zijn er geen middelen? De kas van de gemeenschap werd geplunderd door allerhande neoliberale belastingsverlagingen. Creëerde dit jobs? Laat ons niet lachen. De helft van de nieuwe jobs in de afgelopen 4 jaar zijn hoofdzakelijk door de gemeenschap gefinancierde nep-jobs in o.a. de sector van dienstencheques. Grote bedrijven steken ondertussen jaarlijks miljarden euro’s in hun zakken aan allerhande premies en belastingsverminderingen. Geen wonder dat megawinsten worden geboekt. Want waar verliezers zijn, zijn ook winnaars.
Elke actie heeft tot nog toe concreet resultaat opgeleverd. De stakingen hebben reeds voor enkele duizenden arbeidersgezinnen gezorgd voor een kleine loonsverhoging, premies en meer vaste jobs. Meer dan wat de traditionele partijen mogelijk achten. Vandaar alle steun aan de stakers voor meer koopkracht. Laat dit inspiratie geven aan de arbeiders en hun vakbonden om een offensieve strijd aan te gaan voor meer koopkracht voor alle loon-en uitkeringstrekkers. Van bedelen word je niet beter in deze samenleving, enkel strijd loont.