Oorlogen houden aan – geen uitzicht op vrede
Jaaroverzicht (2)
De afkeer tegen oorlog is erg groot. Ook in de VS was dit een belangrijk element in de verkiezing van de president Obama. Toch besloot Obama om de oorlog in Afghanistan gewoon verder te laten escaleren. Irak is niet opgelost, het Midden-Oosten blijft een kruitvat, in Congo blijft het woelig, de oorlog in Afghanistan slaat over naar Pakistan. Hoeft het dan te verbazen dat de Nobelprijs voor de vrede wordt toegekend aan een oorlogsvoerende partij?
Gaza
Bij de jaarovergang van 2008 naar 2009 werd de actualiteit gedomineerd door het Israëlische offensief in de Gazastrook. Er werd een immens bloedbad aangericht: er vielen honderden slachtoffers waaronder tal van kinderen en bejaarden. De willekeur en de vernieling van de volledige Gazastrook werd wereldwijd veroordeeld door arbeiders en jongeren die op straat kwamen. Ook in ons land werd geprotesteerd. Zelfs in Israël waren er diverse protestacties. Op de acties verspreidden we met LSP onder meer standpunt dat werd opgemaakt door onze Israëlische zusterorganisatie.
Op 22 dagen tijd werden meer dan 1.300 mensen omgebracht, waarvan een derde kinderen. Meer dan 5.000 Palestijnen raakten gewond, velen zullen voor de rest van hun leven invalide zijn. Het was pas na de wapenstilstand dat de intensiteit van het offensief en de vernielingen duidelijk werd. Dat werd versterkt door de weigering van het Israëlische leger om medische hulp voor de gewonden toe te laten. Het zijn volledige straten en wijken die letterlijk met de grond gelijk gemaakt werden. Het is de meest bloedige aanval tegen de Palestijnen sinds 1967. Dat stelden Israëlische linkse socialisten in een interview op deze site.
Sri Lanka
In januari reeds voerde LSP actie aan de Sri Lankese ambassade om te protesteren tegen het toenemende geweld vanuit het regime. Op 8 januari werd een gekende journalist vermoord door “onbekenden”, een poging om kritische media het zwijgen op te leggen. Zorgvuldig diplomatiek overleg moest voorkomen dat er officieel internationaal protest zou komen. En vervolgens werd effectief overgegaan tot een bloedig offensief tegen de Tamilbevolking.
Hierop volgde een heuse slachtpartij met duizenden doden. Honderdduizenden Tamils zitten gevangen in de oorlogszone en de regering weigert iedere medewerking aan een vredesakkoord, de imperialistische mogendheden dringen ook niet bepaald aan voor zo’n akkoord. Zij kijken liever naar elkaar en willen vermijden dat de andere meer invloed krijgt. In de Tamil-kampen is het leven intussen een nachtmerrie met paramilitaire groepen die er op zoek gaan naar vermeende infiltranten van de Tamil Tijgers.
De regering voelde zich gesterkt door het overlopen van de oostelijke leider van de Tamil Tijgers (LTTE), Karuna. Daarop werd het offensief opgedreven en een einde gemaakt aan de LTTE, maar niet aan de woede onder de Tamilbevolking. Dit conflict is niet opgelost, in zowat alle Tamilgezinnen zijn er de afgelopen 30 jaar doden en slachtoffers gevallen. De spanningen zullen opnieuw toenemen.
De linkse socialisten van de United Socialist Party staan voor een programma van arbeiderseenheid en socialisme. We verenigen zowel Tamils als Singalezen en voeren consequent campagne tegen de oorlog en het chauvinisme. Dat levert heel wat repressie op, doodsbedreigingen en het maakt het moeilijk om onze werking te organiseren. Toch neemt de USP in januari opnieuw deel aan de presidentsverkiezingen. Eerder werd ook aan de lokale verkiezingen deelgenomen in Tamilgebied en daarbij haalde de USP telkens een respectabele score.
De oorlog tegen de Tamils zorgde voor een massale exodus maar daarbij werden veel vluchtelingen niet bepaald verwelkomd. Een groep bootvluchtelingen zit momenteel nog altijd vast in Indonesië. (zie ook de foto bij dit stukje). Deze week nog overleed één van deze vluchtelingen.
Congo
Sinds enkele maanden vindt de operatie Kimia II plaats in het oosten van de Democratische Republiek Congo. De operatie werd opgezet door het Congolese leger (FARDC) en gesteund door de VN-troepen. Het doel is om een einde te maken aan Rwandese hutu-milities van het FDLR. De naam van de operatie, Kimia, betekent “vrede” in het Lingala, de taal van het westen van het land. Het ziet er evenwel niet naar uit dat dit stabiliteit zal brengen in de regio.
Afghanistan
In Afghanistan is de oorlog verre van gedaan. Obama stuurt extra troepen en de presidentsverkiezingen werden een farce. De Taliban is nog steeds aanwezig en moet niet aan krachten inboeten. Het opdrijven van de troepen zal daar weinig aan veranderen. Afghanistan dreigt steeds meer het Vietnam van Obama te worden.
Na acht jaar oorlog in Afghanistan is er geen sprake van stabiliteit, democratie of welvaart. Intussen wordt de bevolking van Afghanistan al meer dan drie decennia getroffen door oorlog, burgeroorlog en bezetting. De “oorlog tegen het terrorisme” heeft niet geleid tot verbetering: de Taliban kent een nieuwe opmars in Afghanistan en bovendien dreigt de fundamentalistische politiek waar de Taliban voor staat eveneens meer impact te krijgen in onder meer Pakistan. Ook in de Centraal-Aziatische republieken dreigt het gevaar van een opmars van Taliban-achtige formaties en is er amper sprake van stabiliteit.
Zoals we eind maart schreven, heeft deze oorlog niets te maken met “botsende culturen”, maar is dit het resultaat van een jarenlange imperialistische politiek. “De imperialistische strijd voor de controle over Afghanistan zorgde reeds in de negentiende eeuw voor spanningen. De Britten wilden een Russische controle vermijden en speelden hun koloniale politiek uit: verdeel-en-heers. Sinds de opkomst van het kapitalisme en imperialisme is Afghanistan steevast de speelbal geweest van concurrerende machten die het etnisch complexe, maar centraal gelegen doorgangsland wilden controleren. Het was in de strijd tegen de Sovjetbezetters (die een eind maakten aan de onderlinge vetes tussen twee communistische stromingen in Afghanistan) dat vanuit Pakistan werd overgegaan tot de opleiding van fundamentalistische strijders, de moedjahedin. Dit genoot de volledige steun van het VS-imperialisme. Toen de Sovjets de aftocht moesten blazen, werd Afghanistan ondergedompeld in een burgeroorlog tussen verschillende krijgsheren van de moedjaheddin. Een jonge generatie koran-studenten (vertaald: “taliban”) werd begin jaren 1990 in Pakistan opgeleid door islamscholen opgezet door de fundamentalistische JUI-F die op dat ogenblik in een coalitie zat met de PPP van Benazir Bhutto (op dit ogenblik zit de Jamiat Ulema-e-Islam-Fazl overigens opnieuw in de nationale regering, de partij houdt de post van “minister van toerisme” bezet – qua cynisme kan dat tellen!). Deze islamscholen schoten als paddenstoelen uit de grond, ze genoten de steun van Pakistan, Saoedi-Arabië en de VS.”
We vroegen ons af: “De opmars van de Taliban in Afghanistan was enkel mogelijk omwille van de jarenlange chaos en burgeroorlog die het land miserie, werkloosheid en veel doden hadden opgeleverd. Was die burgeroorlog een resultaat van de lokale “cultuur” in Afghanistan? Of van de inmengingen van diverse grootmachten die elkaar (soms indirect) bestreden op Afghaans grondgebied?“
De presidentsverkiezingen zorgden voor een overwinning van Karzai. De door de VS gesteunde kandidaat Abdullah Abdullah moest zich voor de tweede ronde terugtrekken omdat een tweede ronde organiseren enkel zou leiden tot meer bloedvergieten, corruptie en een ondermijning van het beeld van “democratie” in Afghanistan. De eerste rond was niet bepaald een succes: in bepaalde regio’s kwamen er amper kiezers opdagen, in totaal stemden 5,4 miljoen van de 17 miljoen kiezers. Elders was er sprake van massale fraude. Op de verkiezingsdag zelf waren er al 790 klachten, nadien volgden er nog zowat 2.000. De verkiezingen waren etnisch/regionaal gekleurd. Karzai zocht de steun van regionale krijgsheren: de Oezbeek Rashid Dostum, de Tadjiki leider Quasim Fahim of de Hazara sjiiet Khalili. Dit vormt de basis voor een verdere toename van spanningen en burgeroorlog.
Pakistan
In de plaats van vrede en stabiliteit in Afghanistan te brengen, heeft de oorlog geleid tot een regionale verspreiding van de onstabiliteit en de barbarij. Buurland Pakistan speelde een centrale rol in de ontwikkeling van de Taliban. Pakistan gaf destijds de voorkeur aan een door Pathanen gedomineerd regime in Afghanistan om de positie onder de eigen Pathaanse bevolking te versterken en de regionale positie tegenover Iran en Rusland te versterken. Ironisch genoeg was het reactionaire (sjiietisch) Iraanse regime één van de felste tegenstanders van de (soennietische) Taliban op het ogenblik dat deze de macht in handen kregen in Afghanistan. De VS volgde toen nog haar Pakistaanse bondgenoot en steunde de Taliban.
De economische crisis en de voedselcrisis hebben de situatie in Pakistan verder explosiever gemaakt. De hoop in de regering van de PPP van wijlen Benazir Bhutto heeft niet lang stand gehouden en heeft zich omgekeerd in afkeer. Bij gebrek aan enig politiek alternatief kan de PPP-regering stand houden en wordt geprobeerd om mogelijke politieke tegenstanders mee in bad te trekken.
De Taliban in Pakistan kan op gelijk welk ogenblik op gelijk welke plaats in het land toeslaan. Het militaire offensief in de Swatvallei of Zuid-Waziristan verandert daar niets aan. Met aanslagen in het militaire centrum van het land of de administratieve hoofdplaats werd de slagkracht van de Taliban onderstreept. Intussen zijn er quasi dagelijks berichten van nieuwe aanslagen. Tegelijk zijn er opstoten van regionalisme en etnische spanningen. In Balochistan gaat dit met heel wat geweld gepaard.
In dit artikel gingen we in op enkele vragen over de situatie in Pakistan en werd meteen gewezen op ons antwoord: een socialistisch alternatief vanuit de arbeidersbeweging. Dat dit geen louter theoretische optie is, maken de linkse socialisten in Pakistan iedere dag duidelijk.
Irak
Op 26 februari sprak de Amerikaanse president Obama voor een publiek van 8.000 mariniers in North Carolina. Hij leek zelfberaden: “Laat er geen onduidelijkheid over bestaan: tegen 31 augustus 2010 zal onze missie in Irak beëindigd zijn.” Het nieuwe plan van Obama bevat een tijdslijn van 19 maanden om het aantal troepen van 142.000 terug te brengen tot 50.000 soldaten die geen gevechtsopdrachten zouden vervullen. Dit is een verderzetting van de politiek van Bush die zich moest neerleggen bij de Amerikaanse nederlaag in Irak.
De afname van het geweld en de illusie van stabiliteit was een resultaat van het omkopen van de Amerikaanse verdeel-en-heerstaktieken. De VS heeft een groot deel van het Soennitisch verzet omgekocht en wapens bezorgd om Al Qaeda te bestrijden. Dat Soennitisch verzet werd deel van het officiële leger en de politie.
De burgeroorlog tussen sjiieten en soennieten heeft de meeste wijken in Bagdad etnisch gezuiverd. 4,7 miljoen mensen sloegen op de vlucht bij de etnisch-religieuze zuiveringen. De dreiging van burgeroorlog blijft overeind.
De heersende klasse is wanhopig op zoek naar een uitweg uit het Irakese moeras, maar tegelijk wil het een beslissende invloed blijven uitoefenen in de regio. Die tegenstelling zal samen met een nieuwe opgang van verzet onder het Irakese volk leiden tot nieuwe conflicten en uitbarstingen van geweld.