Guadeloupe. Stakingsbeweging leidt tot overwinning!

Meer dan zes weken lang werd op het eiland Guadeloupe, op de “Franse Caraïben”, actie gevoerd en gestaakt. De algemene staking breidde uit naar het naburige eiland Martinique en sinds 5 maart ook naar het Oost-Afrikaanse eiland La Réunion. Op 4 maart werd een akkoord gesloten tussen de LKP (Comité tegen uitbuiting, actiegroep die opkomt voor de belangen van de bevolking in Guadeloupe) en de patroons op het eiland.

Artikel door Alex Lecoq en Mikael Helot (Gauche Révolutionnaire, Frankrijk)

Het akkoord vormt een indrukwekkende overwinning voor de werkende bevolking van Guadeloupe. Zo wordt een loonsverhoging van 200 euro per maand bekomen voor de laagst betaalde arbeiders. Er zijn ook toegevingen op het vlak van de prijzen voor brood en vliegreizen. Er wordt verder onderhandeld over andere eisen zoals de verlaging van de prijzen van basisgoederen. De strijdbaarheid bij de staking en het uiteindelijke succes vormen een uitstekend voorbeeld voor de internationale arbeidersbeweging inzake de mogelijkheden hoe internationaal de strijd tegen de effecten van de kapitalistische crisis kan worden gevoerd.

Guadeloupe telt ongeveer 440.000 inwoners. Het is dus niet zomaar een klein eiland met amper inwoners. Historisch gezien zijn de ontwikkelingen in Guadeloupe, een “overzees departement”, overigens sterk verbonden met de situatie in Frankrijk. In 1794 werd de slavernij op het eiland afgeschaft na de Franse revolutie. De slavernij werd met een bloedige repressieve aanpak terug ingevoerd onder Napoleon Bonaparte in 1802. De strijd van de gewone bevolking in Guadeloupe heeft steeds een impact gehad op de Franse arbeiders en omgekeerd. Heel wat inwoners van Guadeloupe werken bovendien in Frankrijk, wat de banden versterkt. De oorsprong van het kapitalisme in Guadeloupe bevindt zich in de geschiedenis van slavernij en koloniale uitbuiting, wat het een arroganter karakter geeft. Dat verklaart ook waarom er drie weken lang geen antwoord kwam op de beweging.

De media probeert het nu voor te stellen alsof de beweging tot een einde komt omdat de bevolking deze niet langer steunt en omdat de LKP een ondemocratische organisatie is. De heersende klasse gebruikt al haar mogelijkheden om zich te verdedigen tegen de arbeiders. Een nieuwe mobilisatie van de LKP zou moeilijk te stoppen zijn door de heersende klasse, deze organisatie beschikt immers over een enorme steun onder de bevolking en dat vormt de grootste kracht van de LKP.

De arbeiders van Carrefour gaven een voorbeeld van de militante strategie van LKP. Carrefour is in Guadeloupe in handen van de rijkste man van het eiland, Hayot, die goed is voor een persoonlijk fortuin van 350 miljoen euro. De arbeiders gingen in staking om Hayot ertoe te dwingen een akkoord te sluiten met de LKP. Dat leidde tot een overwinning en nu zal deze tactiek in verschillende bedrijven worden toegepast.

Sarkozy riep het patronaat op om de eisen van de LKP te aanvaarden in het belang van de Franse staat, zelfs indien het niet in het belang was van de lokale patroons. De kortzichtige winsthonger van het patronaat zou tot een foutieve inschatting kunnen leiden. Als het patronaat echter zou weigeren om toe te geven aan de LKP of als het de gemaakte akkoorden niet zou nakomen, zou dit wel eens in haar gezicht kunnen ontploffen.

Het akkoord

Het akkoord dat werd gesloten is erg gedetailleerd. Er staan 165 paragrafen in die over een hele reeks thema’s gaan, van de prijs van het brood tot de arbeidsomstandigheden van de leraars. Elie Domota, een leider van de LKP, vroeg aan een massabetoging voor het gebouw waar de onderhandelingen plaatsvonden of hij het akkoord mocht tekenen. Hij las het eerst volledig voor. De aanwezigen betoonden hun steun aan het akkoord, waarop Domota stelde dat de beweging trots kan zijn op wat al werd bereikt, maar “dit was slechts een eerste stap”. Hij kondigde aan dat de algemene staking werd stopgezet, maar niet de mobilisatie. Dat is immers “de enige manier om overwinningen te boeken”. De strijd zal worden verder gezet om het patronaat te dwingen dit akkoord na te komen en om nieuwe overwinningen te boeken. De vraag daarbij is natuurlijk wat het uiteindelijke doel is.

De patroonsfederatie MEDEF is op dit ogenblik niet meer erg krachtig in Guadeloupe. De LKP organiseert de arbeidersklasse onder één koepel. Als het patronaat denkt dat het nog steeds zomaar haar wil kan opleggen, zal het snel merken dat het zich vergist. Domota stelde: “We zijn 40 dagen in beweging geweest. De LKP zal zich niet opheffen, we hebben nog 40 jaar werk voor de boeg.”

Socialisten gaan daarmee akkoord. Deze organisatie moet zeker niet ontbonden worden omdat de algemene staking ten einde is gekomen. De LKP organiseert de arbeidersklasse, verenigde deze en gaf een zekere politieke leiding. Dat blijft noodzakelijk zolang de heersende klasse georganiseerd is om tegen onze belangen in te gaan. De boodschap van de Franse staat aan het patronaat van Guadeloupe was erg duidelijk: om de bazen te compenseren voor de algemene staking en de toegevingen aan de arbeiders, zal de Franse regering alle boetes kwijtschelden die het gevolg zijn van betalingsvertragingen voor de belastingen.

Het patronaat probeerde symbolisch een supermarkt opnieuw te openen en deed beroep op honderden politie-agenten om dat te realiseren. Zelfs dit lukte niet omdat de massa’s in verzet gingen. Het geeft aan dat het patronaat niet zomaar kan doen wat het wil.

Patrick Karam, de regeringsverantwoordelijke voor de zogenaamde “gelijke kansen in overzeese departementen”, stelde tijdens de onderhandelingen dat er nood was aan een compromis dat iedereen als een overwinning kan voorstellen. In tegenstelling tot die wensen, zijn het de massa’s die een overwinning hebben geboekt. Het kwam niet eerder tot een akkoord omdat het patronaat de nederlaag nog niet wou toegeven. En zelfs nu wordt arrogant naar buiten gekomen met de stelling dat er mogelijk massale afdankingen zullen volgen op het akkoord. Indien dit effectief gebeurt, zal er snel een nieuwe algemene staking zijn.

Het patronaat lijkt niet te begrijpen wat er gebeurt. Dat bleek nogmaals uit het voorstel op 4 maart. Het patronaat stelde voor dat het akkoord slechts 36 maanden zou duren (de periode dat de regering de meeste kosten op zich zou nemen) en dat het akkoord slechts voordelen zou hebben voor een beperktere groep. Dat maakt meteen duidelijk dat het patronaat steeds opnieuw zal proberen om de verworvenheden van de staking terug af te nemen. Het kapitalistische systeem laat de arbeiders nooit toe om hetgeen ze afgedwongen hebben ook zomaar te behouden.

Martinique en Reunion

Ook op het eiland Martinique, waar er ook zowat 400.000 mensen wonen, werd een akkoord gesloten tussen patroons en stakende arbeiders. Arbeiders met een loon onder 1,4 keer het minimumloon zullen tussen 130 en 200 euro per maand extra verdienen. Dat is een overwinning, maar niet zoveel als werd geëist. De patroons zullen slechts 30 tot 100 euro hiervan betalen, de rest komt van de overheid. De belastingbetalers zullen dus hun eigen lonen betalen. Een aantal vakbondsorganisaties zoals de CGT en FO tekenden het akkoord niet omdat ze eerst de basis willen raadplegen en tegelijk willen wachten op een akkoord rond de prijzen. De staking gaat bijgevolg verder. Op het eiland La Réunion werd op woensdag 4 maart een oproep gelanceerd door een collectief van 40 organisaties om vanaf 5 maart te staken.

Socialistisch alternatief

De uitstekende overwinning van de algemene staking in Guadeloupe vormt een dilemma voor het Franse kapitalisme en de regering-Sarkozy. Op een ogenblik dat de Franse arbeiders en jongeren harde aanvallen worden opgedrongen tegen hun jobs, diensten en levensstandaard, dwong een massale militante beweging op de Caribische eilanden de regering tot toegevingen. De strijdbaarheid en actiebereidheid is ook in Frankrijk zelf aanwezig (dat werd duidelijk gemaakt met de nationale staking van 29 januari). Sarkozy zal nu rekening moeten houden met de mogelijkheid dat de arbeiders op het vasteland van Frankrijk een zelfde beweging zullen opzetten. In de aanloop naar de nieuwe nationale stakingsdag van 19 maart, zullen de gebeurtenissen in Guadeloupe de Franse arbeiders een nieuw zelfvertrouwen schenken.

Tijdens de staking bracht Besancenot van de Franse NPA (Nieuwe Anti-kapitalistische partij) een bezoek aan Guadeloupe om zijn solidariteit met de beweging te betuigen. Hij riep de Franse arbeiders terecht op om het voorbeeld van deze militante beweging op te nemen in de verdediging van hun jobs en diensten tegen de aanvallen van patronaat en regering. Om succesvol te strijden tegen de aanvallen van het kapitalisme, zal er echter meer nodig zijn. Deze algemene stakingen tonen op een duidelijke en krachtige wijze de enorme kracht van de arbeidersklasse aan en het feit dat enorme overwinningen kunnen worden geboekt. Maar zolang het kapitalistisch systeem stand houdt, zullen de patroons proberen om de arbeiders en armen te late betalen voor hun crisis. Het is dan ook noodzakelijk om op te komen voor een alternatief op het kapitalisme, een systeem waar het leven van de meerderheid ondergeschikt wordt aan de winsthonger van de grote bedrijven. De arbeiders in Guadeloupe zullen daarbij nood hebben aan een onafhankelijke politieke stem, een massale partij die hen vertegenwoordigt in hun strijd en die opkomt voor een socialistisch alternatief. In Frankrijk komt Gauche Révolutionnaire ervoor op dat de NPA zo’n partij zou worden.

De enige manier om aan de behoeften van de bevolking in Guadeloupe, Martinique en elders tegemoet te komen, is door het systeem te veranderen. Het socialisme is een systeem waarbij de economie en de samenleving onder democratische arbeiderscontrole worden geplaatst. Dat is het enige alternatief dat vertrekt van de behoeften van de bevolking. Als het patronaat de gemaakte akkoorden niet nakomt en verder zal proberen om de meerderheid van de bevolking te laten betalen voor de crisis, zal de noodzaak van een socialistisch alternatief nog duidelijker worden. De mobilisaties in Guadeloupe en andere eilanden kan het begin vormen van een massale mobilisatie om de macht van het lokale en internationale kapitalisme te breken en een socialistische federatie in de regio op te bouwen.