Zuid-Afrika: 14 jaar na de val van de politieke apartheid, blijft er economische apartheid
Het Australische socialistische gemeenteraadslid Stephen Jolly is momenteel op bezoek in Zuid-Afrika. Jolly woonde in Zuid-Afrika tussen 1977 en 1982. Het eerste weerzien met het land sinds de val van de apartheid leverde een opmerkelijk beeld op. Samen met onze zusterorganisatie in Zuid-Afrika, de Democratic Socialist Movement, nam hij ook deel aan een discussie tussen de DSM en het Pan African Congress (PAC).
De studentengroep van het Pan African Congress (PAC) is in discussie met de DSM, de lokale afdeling van het CWI. Vorige week nam ik deel aan een opmerkelijke bijeenkomst van de twee organisaties op de Limpopo campus van de medische universiteit in het noorden van Pretoria. Het feit dat deze groepen met een dermate verschillende achtergrond en traditie vandaag politiek dichter bij elkaar staan, kan enkel begrepen worden als we even kijken naar de recente ontwikkelingen in het land.
De PAC was de kleinste van de twee bevrijdingsbewegingen die ten strijde trokken tegen het apartheidsregime voor dit ten val kwam en het ANC de verkiezingen van 1994 won waardoor Nelson Mandela aan de macht kwam. Het ANC was op dat ogenblik, en nog steeds overigens, in alliantie met de grote vakbondsfederatie COSATU en de Zuid-Afrikaanse Communistische Partij (SACP), wellicht één van de meest invloedrijke communistische partijen ter wereld.
Het historisch compromis dat deze driedelige alliantie sloot met de exclusief blanke kapitalistische klasse en regime, legde de basis voor het post-apartheidsregime in Zuid-Afrika.
Voor 1994 werd een revolutionaire strijd gevoerd met socialistische eisen die werden opgenomen door zwarte arbeiders en radicale studenten. Het PAC beperkte zich tot opvattingen rond een zwart bewustzijn. Dat speelde een rol in de jaren 1970, maar het werd voorbijgesneld door de radicalisering in de jaren 1980. In de driedelige alliantie was het idee van een nationaal-democratische revolutie (de tweestadiatheorie) dominant: een revolutionaire strijd zou haar doelstellingen aanvankelijk beperken tot een meer democratische, minder blanke kapitalistische fase. Het socialisme zou pas een onbepaalde tijd later op de agenda komen te staan.
De door de arbeiders geleide revolutionaire beweging zou zich dus moeten richten op een democratisch kapitalisme. Dat leidde tot verraad. Het verzet tegen deze positie werd het best naar voor gebracht door de Marxist Workers Tendency in het ANC. Het is uit deze groep dat de actuele DSM is gegroeid.
Ik woonde zelf in Zuid-Afrika van 1977 tot 1982, in volle apartheid. Ik kwam er vorige maand voor het eerst terug op familiebezoek en was benieuwd naar de resultaten van de regering van ANC en SACP de afgelopen 14 jaar. Er is veel veranderd: zwarten en kleurlingen zie je overal op televisie en hoor je op de radio. Ze hebben jobs die voorheen verboden waren en wonen in sommige wijken waar dit voorheen ook niet kon.
Dit is een nieuw land waar je het zelfvertrouwen dat voorkomt uit een revolutionaire beweging (zelfs met grote beperkingen) duidelijk wordt. Zelfs blanken beweren nu dat ze Mandela als voorbeeld hebben. Die steun voor Mandela onder blanken verraste me, toen ik in Zuid-Afrika woonde als blanke tiener werd me verteld dat Mandela een terrorist en communist was. Wellicht vond een groot deel van de blanke elite het aanvankelijk ongeloofwaardig dat die boze Mandela en het ANC effectief aan de macht kwamen, maar de massa’s toen opriepen om de villa’s en de rijkdom van de elite onaangeroerd te laten.
Dit land is niet op een zelfde niveau achterop geraakt als Zimbabwe. De lage intrestvoeten hebben leningen aangemoedigd, wat heeft geleid tot een opgang van de consumptie. Dat heeft het sociale gewicht van de arbeidersklasse versterkt en het gaf de werknemers in de openbare diensten het vertrouwen om vorig jaar een algemene staking op te zetten.
Er is echter veel dat niet veranderde na de omverwerping van de apartheid. De sloppenwijken hebben hier en daar wel aansluiting op het elektriciteitsnet gekregen, maar er blijven in alle steden sloppenwijken. Er zijn zwarte bedelaars bij zowat ieder verkeerslicht. Het zijn vooral blanken die gaan eten in de dure restaurants waar ze bijna exclusief door zwarten worden bediend. Er is een breed verspreide criminaliteit en de veiligheidsindustrie is bijzonder groot.
De witte voorwijken blijven grotendeels blank. Het onderwijs en de gezondheidszorg kennen niet langer een politieke apartheid, maar er blijft een vorm van economische apartheid. Dit zien we ook in bepaalde wijken in grote steden in het Westen, maar het is nog veel meer uitgesproken aanwezig in Zuid-Afrika.
De corruptie neemt sterk toe onder de leidinggevende lagen van het nieuwe Zuid-Afrika, zowel in de regering als het staatsapparaat. Verschillende vleugels van het ANC proberen de verschillende delen van de staatsmachine te gebruiken om hun doelstellingen te verwezenlijken. Het zijn nog steeds de blanke kapitalisten die de economie domineren, waardoor de opkomende zwarte elite meer de toevlucht zoekt tot corruptie. Dat leidt tot woede en cynisme onder de zwarten en het versterkt het racisme onder de blanken. De gekleurde minderheid speelde een sleutelrol naast de zwarte meerderheid in de strijd tegen het apartheidsregime. Deze minderheid voelt zich nu in de steek gelaten. Ze lachen cynisch: “We waren niet blank genoeg onder de apartheid, nu zijn we niet zwart genoeg”.
Er zijn regeringsprogramma’s om zwarten aan te moedigen eigen bedrijven te beginnen of om zwarten aan te nemen in bestaande bedrijven. Studenten van de PAC vertelden op de bijeenkomst in Limpopo hoe blanke bedrijven deze programma’s gebruiken om via dubieuze zwarte zakenmensen aan contracten te raken. Bedrijven die aan de regeringsprogramma’s meewerken, maken immers meer kans op overheidscontracten. Dat de arbeiders in deze bedrijven slecht betaald worden, doet er niet toe voor de regering.
De Democratic Socialist Movement maakte vroeger deel uit van het ANC als marxistische fractie binnen deze formatie. De afgelopen jaren zijn we echter niet meer in het ANC actief en roepen we op voor een nieuwe arbeiderspartij. We verdedigen dat idee in de gemeenschappen en op de werkvloer, onder meer binnen de vakbonden.
Er waren heel veel conflicten met de ANC-regering, onder meer rond het gebrek aan degelijke huisvesting voor gewone werkenden. De leiding van COSATU en de SACP weigeren te breken met het ANC en blijven de regering steunen. Er is een grote druk van onderuit waardoor de leiders soms verwarde formuleringen nodig hebben om uit te leggen dat ze tegen het feit zijn dat het ANC in de regering zit, maar niet tegen het ANC als partij. De afkeer tegenover het beleid van de afgelopen jaren zorgde ervoor dat de aanhangers van COSATU en de SACP zich hebben afgekeerd van de arrogante president Mbeki en hun steun gaven aan Jacob Zuma, die meer een populist is ook al steunt hij de pro-kapitalistische koers van Mbeki en Mandela voor hem. Zuma staat nu sterk in het ANC, Mbeki houdt enkel nog vast aan zijn post van president.
Bij afwezigheid van een breed socialistisch alternatief in de arbeidersklasse, kan het stammenaspect sterker op de voorgrond treden. Zuma is een Zoeloe, de grootste Afrikaase stam. Mbeki en een groot deel van de huidige ANC-elite komen van de tweede grootste stam, de Xhosa. Beide vleugels in het ANC hebben reeds minstens gedeeltelijk de stammenkaart getrokken. De situatie staat nog ver af van wat er in Kenya is gebeurd, maar dat zou een waarschuwing moeten zijn en de arbeidersbeweging de dringendheid aantonen om niet te wachten en de historische verantwoordelijkheid op te nemen met de vestiging van een nieuwe arbeiderspartij.
Tussen al dit verraad bleef de DSM vasthouden aan haar socialistische opvattingen. Er is een groeiende latente steun voor dit soort opvattingen. Daarom trokken we heel wat goede nieuwe leden aan en werden we ook benaderd door krachten uit de traditie van de PAC. Ik ontmoette een aantal relatief nieuwe DSM-leden in Pretoria enkele uren voor de bijeenkomst in Limpopo.
DSM-lid dokter Aquina Thualere is de algemeen secretaris van de Medical Association of South Africa (MASA), in de praktijk een doktersvakbond die deel uitmaakt van Cosatu. We discussieerden in haar vakbondslokaal. Ze vond de DSM op het internet en vertelde dat ze er als algemeen secretaris van een grote organisatie geen probleem mee had om aan te sluiten bij een relatief kleine organisatie, zolang deze organisatie maar correcte ideeën heeft en een perspectief naar voor brengt. Ze vertelde dat ze haar politieke thuis heeft gevonden bij de DSM.
Zowat 70% van de leden van haar vakbond zijn blank en conservatief. Velen steunen de private gezondheidszorg. Eén van haar leden is Dr Death (Wouter Basson), de apartheidsvariant op dokter Mengele. Het is dan ook niet verwonderlijk dat dokter Thualere ook in haar organisatie vaak onder vuur ligt voor haar steun aan de eis van publieke gezondheidszorg.
Enkele uren later sprak ik op een bijeenkomst in Limpopo waar ik inging op de ideeën van het CWI, de methoden van onze internationale en onze perspectieven. De PAC heeft zelf geen duidelijk alternatief of een strategie die een antwoord biedt op de koers van het ANC. De studenten zijn erg actief en politiek bewust, sommigen hebben reeds Marx, Engels, Lenin en zelfs Trotski gelezen. Anderen leerden de ideeën van het CWI kennen via onze website. Dat vormde de aanleiding voor een discussie met ons.
Ze zijn aangetrokken door de manier waarop de DSM werkt in Zuid-Afrika. De studenten waren onder de indruk van de arbeiders en vakbondsbasis van de DSM. Ze begrijpen dat revolutionaire studenten banden moeten aangaan met de arbeidersklasse, de enige klasse met het nodige sociale gewicht om het kapitalisme omver te werpen.
Leden van de DSM op de bijeenkomst stelden voor om elkaars ideeën beter te leren kennen in de aanloop naar hun conferentie in juni 2008. Daar zullen sommigen van hen mogelijk aansluiten bij het CWI, of als er onvoldoende politiek akkoord daartoe is zullen we verder samenwerken als aparte partijen in de beweging.
De studenten op de discussie waren bijzonder geïnteresseerd in onze opvattingen. De vragen gingen van het klassenkarakter van China over de strijd van de werklozen of het beleid van de Zuid-Afrikaanse regering. Een student vroeg me welke garanties het CWI kan bieden om de zaak niet te verraden eens het aan de macht komt. Dat zorgde voor een erg interessante discussie.
We verkochten heel wat materiaal van het CWI en de DSM. Als deze kameraden effectief onze rangen vervoegen, zou het de slagkracht van de DSM versterken. Er is immers nood aan een grotere, nationale en jonge socialistische revolutionaire partij. De massa’s hebben daar echt nood aan na de ervaring van 14 jaar ANC-regering.