Maleisië. Duizenden betogen voor vrije en eerlijke verkiezingen

De “wandeling voor democratie” van de Maleisische democratie-beweging BERSIH van afgelopen zaterdag zal de geschiedenis ingaan als een belangrijk keerpunt in de strijd voor vrijheid en democratie in Maleisië. Het was een van de grootste politieke betogingen in jaren met 20.000 tot 30.000 aanwezigen. De organisatoren hadden het zelfs over 50.000 aanwezigen. Het enige antwoord van het regime bestond uit repressie.

Verslag door onze correspondenten in Maleisië

De meeste betogers waren jongeren die voor het eerst in hun leven aan een betoging deelnamen. Ze kwamen bijeen en trokken door verschillende delen van de hoofdstad Kuala Lumpur om vrije en eerlijke verkiezingen te eisen alsook democratische rechten. De betogers waren vastberaden en legden de dreigementen van de regering naast zich neer. De geplande tegenactie van de jongeren van de regerende UMNO (United Malay National Organisation) kreeg amper 500 mensen bijeen, hoofdzakelijk partijleden. Er waren op dezelfde dag protestacties van Maleisiërs in het buitenland. Er werd actie gevoerd in 20 steden waaronder Singapore, Bangkok, Londen en Melbourne.

Op de betoging werden 1.667 mensen opgepakt, waaronder een aantal organisatoren en leiders van de oppositiepartijen. De politie zette traangas in en probeerde de betogers uiteen te drijven met een waterkanon. De politie sloeg er op los met de matrak en sleurde een aantal betogers mee naar hun politiewagens. Een betoger zou tijdens het protest in Kuala Lumpur zijn omgekomen na een aanval met traangas door de politie.

Oppositie wordt vervolgd

Op 19 juni kondigde Bersih 2.0, de coalitie voor vrije verkiezingen opgezet door NGO’s en gesteund door de oppositiepartijen – aan dat op 9 juli een grote betoging zou worden gehouden. Sindsdien heeft de regering van de BN (Nationaal Front) onder leiding van de UMNO er alles aan gedaan op de betoging te stoppen en betogers af te schrikken.

Eerst werden aanhangers van de PSM (Parti Sosialis Malaysia) opgepakt onder het excuus dat ze campagne voerden tegen de koning, uiteindelijk werden zes militanten aangehouden wegens “subversieve connecties”. Vervolgens werd het dragen van een geel BERSIH-T-shirt verboden, deze T-shirts riepen op tot vrije en eerlijke verkiezingen. Hierna werd BERSIH 2.0 gewoon verboden onder het mom dat het geen geregistreerde organisatie betreft. Eventuele betogers werden afgeschrikt door een vloedgolf van negatieve propaganda in de gevestigde media die niet toevallig grotendeels in handen van de regering zijn. Er werden richtlijnen gestuurd naar alle studenten en ambtenaren om te waarschuwen voor de betoging en de melding dat ernstige sancties zouden volgen indien alsnog aan de betoging werd deelgenomen.

De dreigementen warden gebruikt om angst te creëren. Betogers konden tot 60 dagen gevangenisstraf krijgen. Er werd voor het eerst sinds lang gedreigd om het leger in te zetten. Er werd indirect ook beroep gedaan op extreem-rechtse groepen als PERKASA en op de jongeren van UMNO om het protest te ondermijnen. Een week voor de betoging werden grote wegblokkades opgezet doorheen het land om “verdachte” bussen en auto’s op weg naar Kuala Lumpur te stoppen. De belangrijkste leiders van de oppositiepartijen en van BERSIH mochten bovendien het stadscentrum niet betreden op rechterlijk bevel. Op de dag van de betoging was Kuala Lumpur zo goed als plat gelegd door politieblokkades. De stations werden gesloten en er werden overal waterkanonnen opgesteld. Nog voor het protest begon, werden al meer dan 200 mensen opgepakt voor activiteiten die met het protest waren verbonden. Het doel daarvan was vooral om anderen af te schrikken zodat ze niet naar de betoging zouden trekken.

Enkele dagen voor de betoging stelde premier Najib Razak plots dat hij een sportstadion ter beschikking van de betogers wilde stellen. Zelfs de koning moest tussenkomen om de situatie te stabiliseren. De organisatoren hadden ingestemd om het stadion te gebruiken en stemden in met het ‘advies van de Koning’, maar de regering kwam uiteindelijk terug op haar beloften en weigerde alsnog toestemming te geven voor de betoging. De tegenstellingen hebben de positie van de regering-Najib onder de bevolking voort ondermijnd.

Levendige en jonge betoging

De actie zou om 14u beginnen in de buurt van het stadion Merdeka waar de BERSIH-leiders zouden verzamelen. De politie begon meteen betogers te intimideren en iedereen die aanstalten maakte om te betogen, werd vanaf 7 u ’s ochtends opgepakt. Het momentum van de betoging begon toen een groep jongeren langs de Masjid Jamek begon te betogen en door Petaling Street trok. Vanaf de middag sloten andere groepen bij deze betoging aan en werd de actie steeds groter. Deze mensenmassa trok vervolgens in de richting van het stadscentrum. Er waren ook groepen betogers bijeen gekomen in de buurt van het centraal station, het stadion Merdeka en andere centrale plaatsen. Omwille van de politieblokkades waren er op tal van plaatsen groepen betogers.

De betoging werd doorgaans geleid door jongeren. Op de betogingen riepen de aanwezigen slogans tegen de regering en voor BERSIH: “democratie nu”, “leve BERSIH”, “weg met de BN-regering”, “reformasi”,… Lokale en buitenlandse arbeiders die de betogers zagen voorbijtrekken, steunden de acties. Op een bepaald ogenblik werden betogers achterna gezeten door oproerpolitie, waarop migranten die werken als opzichters de plaats die ze bewaakten open stelden voor de betogers. De jonge betogers kregen veel drinken en eten van omstaanders. Zelfs een aantal gewone agenten betuigden hun steun aan de actievoerders.

Jongeren en arbeiders samen in actie

Het protest toonde het potentieel en de meid van de jongeren die er een groot succes van maakten. Wellicht zou het protest nog veel groter zijn geweest indien de regering niet was overgegaan tot dreigementen en wegblokkades.

Het programma van BERSIH beperkt zich tot de roep naar vrije en eerlijke verkiezingen, er wordt niet ingegaan op de sociale en economische noden van de arbeiders en de jongeren. Als gevolg van het pro-kapitalistische beleid van de regering staan steeds de winsten van de nationale en internationale kapitalisten centraal. Als BERSIH de democratische eisen zou koppelen aan de sociale en economische noden van de arbeidersklasse, dan zou dit een grote aantrekkingskracht uitoefenen op de arbeidersbeweging.

Het kapitalistische systeem leidt er niet alleen toe dat de regering alle democratische verworvenheden onder vuur neemt, maar het ondermijnt ook de economische en sociale positie van arbeiders en jongeren, los van hun etnische afkomst of religie. Het doel van BERSIH was om twee uur te protesteren in Kuala Lumpur. De regering was zelfs daar bang van en besloot de belangen van de grote bedrijven in de hoofdstad te verdedigen met het argument dat de betoging tot miljoenenverliezen zou leiden.

Tegelijk waren er stemmen uit het politieke establishment, zoals voormalig premier Mahathir, die benadrukten dat een verandering van regering zoals na de opstanden in Egypte en Tunesië het leven van de gewone Egyptenaren en Tunesiërs niet heeft verbeterd terwijl de economie er wel slechter aan toe is. Mahathir en co hebben steeds persoonlijk voordeel gehaald uit het pro-kapitalistische beleid van de BN-regering. Ze willen deze regering dan ook tot op het bot verdedigen.

Wij stellen dat de gebeurtenissen in Egypte en Tunesië de macht van de arbeiders en jongeren hebben getoond. De massa’s waren in staat om dictators ten val te brengen, maar dat is op zich geen garantie om de rijkdom van de samenleving in de handen van de massa’s te krijgen onder een democratische controle en beheer. Het kapitalistische systeem staat nog steeds overeind in deze landen waarbij de kapitalisten hun winsten centraal stellen. Dit versterkt het argument van het CWI in Maleisië dat een regering van de Pakatan Rakyat (de oppositie) misschien wel meer democratische rechten zou toekennen, maar geen antwoord zou bieden op de groeiende noden van de massa’s zolang deze regering in de greep van de nationale en internationale kapitalisten blijft.

De strijd voor democratische rechten moet worden verbonden met de strijd voor economische en sociale vooruitgang. Dat kan enkel als het kapitalistische systeem wordt vervangen door een systeem gebaseerd op democratisch socialisme. Dat is een systeem dat de behoeften en het welzijn van de werkende bevolking, de jongeren en anderen centraal stelt op basis van een democratische planning. De gebeurtenissen in Egypte, Tunesië en vele andere landen tonen dat strijd op zich niet volstaan. We moeten verder gaan en een einde maken aan het kapitalisme. Daartoe moeten we ons onafhankelijk en democratisch organiseren in een massapartij van arbeiders, jongeren en armen en dit met een duidelijk programma van democratisch socialisme. Dat is noodzakelijk om te vermijden dat de verworvenheden van de strijd tegen de oude elite door de nieuwe elite uit de handen van de massa’s worden gehaald. De arbeiders en de dynamische jongeren van Maleisië moeten de strijd voor een democratisch socialistische samenleving aangaan om hun democratische rechten te garanderen en om een antwoord te bieden op de fundamentele economische en sociale noden.