Deelstaatverkiezingen in Victoria (Australië). Labor afgestraft. Socialist Party op 9,6% in Richmond

De Labor Party leed een zware nederlaag bij de deelstaatverkiezingen in Victoria. De zittende regering werd afgestraft wegens de crisis bij het openbaar vervoer, het gebrek aan degelijke gezondheidszorg en onderwijs en de dalende levensstandaard voor de gewone werkende bevolking. De Socialist Party kwam in een district op, in Richmond, waar Steve Jolly tevens gemeenteraadslid is. We verdubbelden ons resultaat en haalden 9,6%.

Door onze correspondenten in Australië

In de aanloop naar de verkiezingen zagen de meeste media en commentatoren al een conservatieve meerderheid na de verkiezingen. Maar de liberale partij onder leiding van Ted Baillieu slaagde er slechts in om 12 zetels van Labor over te winnen. De Nationalisten wonnen een zetel, maar dan wel een zetel die voorheen in handen was van een onafhankelijke kandidaat. Hierdoor haalt de conservatieve coalitie slechts een nipte meerderheid, ze hebben slechts twee zetels op overschot.

Labor leed een grote nederlaag. Van haar 55 zetels verloor ze er 12. De Groenen slaagden er niet in om met het ongenoegen tegenover Labor te gaan lopen, eerder werd gezegd dat ze tot vier zetels zouden overwinnen van Labor. Meer bepaald in de binnenstad van Melbourne was dat een mogelijkheid. Daar kwam Labor met een linkse retoriek naar voor. Er werd heel wat geld uitgetrokken voor de campagne in de binnenstad. Labor kon bovendien rekenen op de meevaller dat de Liberalen besloten om in hun stemadvies op te roepen om de Groenen pas de laatste stem te geven (kiezers moeten een volgorde opgeven van kandidaten).

Labor verloor in Victoria meer dan 200.000 stemmen in vergelijking met de verkiezingen van 2006. Heel wat stemmen gingen naar de liberalen die 115.000 stemmen wonnen.

De zetels die Labor verloor in Melbourne bevinden zich allemaal rond de metrolijnen Frankston en Pakenham. Die lijnen staan bekend als onberekenbaar. Openbaar vervoer was een belangrijk thema in de verkiezingen. In 2009 was er een peiling en slechts 10-15% van de bevolking van Melbourne gaf aan dat het openbaar vervoer voldoende en stipt was. De privatisering van het openbaar vervoer heeft geleid tot een impasse. De systematische onderfinanciering van het openbaar vervoer en de infrastructuur gedurende decennia laat zich hard voelen. Deze ontwikkeling werd opgestart door de liberale regering van de jaren 1990, maar het werd verder gezet door Labor.

Er was ook heel wat ongenoegen over de stijgende levensduurte. De zetels die Labor verloor, waren vooral in wijken waar de inkomens niet zo hoog zijn. Mensen die een hypotheek moeten afbetalen, kregen sinds eind 2009 af te rekenen met zeven interestverhogingen. Ze staan onder druk. Bovendien werd door Labor een beleid gevoerd waarbij de prijzen voor elektriciteit en water verder de hoogte in gingen. De wachtlijsten in de openbare ziekenhuizen en het sluiten van scholen vormden eveneens elementen die het protest tegen Labor aanwakkerden.

Het feit dat in protest tegen het beleid van Labor vooral voor rechtse partijen werd gestemd, is geen uitdrukking van een bocht naar rechts onder de bevolking. Bij gebrek aan een grootschalig alternatief vanuit de arbeidersbeweging is er de neiging om de ene partij van de grote bedrijven af te straffen door deze te vervangen door een andere partij die evenzeer wordt gecontroleerd door de grote bedrijven.

De liberale leider Baillieu zal het niet makkelijk hebben. Hij wil meteen beginnen met een besparingsbeleid, hij wil het parlement nog voor kerstmis bijeenroepen. De elementen die tot de ineenstorting van het Labor-bewind hebben geleid, de crisis in het transport, gezondheidszorg en onderwijs, zullen niet worden aangepakt.

Een opvallend element bij deze verkiezingen was dat de hoop op een sterke doorbraak van de Groenen zich niet heeft gerealiseerd. De partij haalde 29.000 stemmen meer dan in 2006, maar in vergelijking met de nationale verkiezingen van augustus verloren de Groenen. Toen haalden ze 12,3% en nu nog 10,3%.

Het feit dat de Groenen niet meer zetels haalden, kwam deels door het electoraal systeem en de beslissing van de liberalen om haar kiezers het advies te geven om een tweede voorkeur eerder aan Labor dan aan de Groenen te geven. Daarmee willen de liberalen de versnippering van het politieke landschap tegen gaan. Het kan de electorale positie van de Groenen sterk onder druk zetten. Maar de Groenen verloren ook steun omdat de partij weigerde uit te sluiten dat het deel zou uitmaken van een coalitie met Labor of de Liberalen indien die geen meerderheid behaalden in het parlement. Het feit dat de Groenen stelden dat steun aan regering van Liberalen en Nationalisten mogelijk was, kostte de partij stemmen langs haar linkerflank. Als de Groenen een echt alternatief zouden vormen op de traditionele partijen, dan zou er een principiële positie worden ingenomen. De campagne van de Groenen was politiek bovendien erg zwak, er werd vooral geprobeerd om de eigen “merknaam” te vestigen in de plaats van over politieke thema’s te spreken. Indien geen sterke linkse formatie ontwikkelt, is het evenwel niet uitgesloten dat de Groenen zich kunnen herstellen en ook electoraal opnieuw vooruitgaan.

De Socialist Party kwam in de zetel van Richmond op met gemeenteraadslid Steve Jolly. In 2006 haalden we 5,6% en nu verdubbelden we dit bijna tot 9,6%. In een aantal wijken van het district Richmond (in Melbourne) haalde we tot 15,5% van de eerste voorkeurstem. Onze campagne toonde het potentieel voor een socialistisch alternatief bij de verkiezingen. Ideeën zoals klassenstrijd en nationalisaties met het oog op een democratische controle en planning kunnen een brede ingang vinden als ze worden verbonden aan de concrete thema’s waarmee de bevolking wordt geconfronteerd. In deze campagne verdeelden we 120.000 pamfletten, we gingen deur-aan-deur bij 10.000 huizen en mobiliseerden 200 vrijwilligers om campagne te voeren.