Betoging van de brandweer in Brussel

Gisteren werd het kabinet van de Brusselse minister-president onder gespoten door kwade brandweerlui uit de hoofdstad. Het was niet de eerste actie om de eisen en de arbeidsomstandigheden van het brandweerpersoneel te verdedigen. Er was eerder reeds een actie rond het uitblijven van de erkenning dat brandweerlui een “gevaarlijk beroep” uitoefenen. Hoewel er op dat vlak nog geen echte vooruitgang is, was er gisteren een ander centraal thema op de betoging.

Verslag en foto’s door Stephanie R en Nico M (Brussel)

Eric, een Brusselse brandweerman, legt uit: “De aanwerveringen, benoemingen en promoties zijn het voorwerp van een kaderwet die het percentage van Nederlandstalige en Franstalige brandweerlui binnen de dienst bepaalt. Het probleem is dat die kaderwet kan wegvallen bij gelijk welke andere politieke meerderheid. Meestal is er wel één van de twee gemeenschappen die denkt dat ze ons moet vertegenwoordigen. De brandweerlui die op pensioen of brugpensioen vertrekken worden nu niet vervangen door jongeren. De bevoegde overheid, het gewest, moet iets ondernemen om daar verandering in te brengen.

“Bovendien gaat het om opgestapelde problemen met verregaande gevolgen. Het feit dat er geen nieuwe brandweerlieden bijkomen, maakt dat de vorming van nieuwe mensen niet ideaal verloopt: de ouderen die hun ervaring moeten doorgeven zijn immers al vertrokken of als er een plotse aanwervingsgolf zal komen, wat nodig is, zal dit het aantal brandweerlieden in opleiding erg groot maken. We hebben het dan nog niet over de problemen voor de veiligheid van de bevolking. Zonder aanwervingen zal er binnenkort een camion minder zijn voor interventies.”

De strijd van de brandweerlieden vindt plaats tegen de achtergrond van een economische crisis waarbij miljarden aan de banken werden gegeven. Dat geld kwam uit de kas van de gemeenschap en nu zitten alle overheden met problematische begrotingen. Het is enkel een vraag wanneer dit zal leiden tot forse besparingen op de publieke uitgaven. Dergelijke besparingen komen er op een ogenblik dat er reeds middelen te kort zijn voor essentiële openbare diensten als onderwijs, gezondheidszorg of de brandweer.

Het “verantwoord federalisme” waarbij de besparingen worden verdeeld over alle overheden, betekent dat alle diensten kunnen geraakt worden. Er is nood aan een algemene strijd om de kwaliteit en de toegang tot de openbare diensten te verdedigen.

Vandaag zijn er heel wat problemen bij de brandweer omwille van de taalverschillen. De kaderwet van het Brusselse parlement leidt vaak tot discriminatie bij de aanwervingen of promoties aangezien er met quota’s wordt gewerkt. Dat werkt verdeeldheid in de hand. Waarom wordt aan de brandweerlieden die worden opgeleid geen degelijke taalopleiding aangeboden tijdens de werkuren om hen zo tweetaligheid bij te brengen. Dat zou logisch zijn en de veiligheid ten goede komen.

De betoging van de brandweerlieden gebeurde spijtig genoeg niet in gemeenschappelijk vakbondsfront. De liberale en Nederlandstalige christelijke bonden betoogden, de socialistische en Franstalige christelijke bonden volgden niet. De vakbonden moeten hun banden met de traditionele partijen verbreken om samen in actie te komen en hun eenheid in strijd voor reële verbeteringen te benadrukken.