Recensie. Tegendruk, geheime pers tijdens de Tweede Wereldoorlog
Recent haalde Bart De Wever (N-VA) uit naar de excuses van het Antwerpse stadsbestuur voor de betrokkenheid van het oorlogsbestuur in Antwerpen bij de vervolging en deportatie van de Joodse bevolking uit de stad. De Wever stelde dat excuses te laat kwamen en zouden impliceren dat iedereen in Antwerpen zou hebben gecollaboreerd. Hiermee beledigde De Wever meteen ook diegenen die deelnamen aan het verzet. Hij had zich beter wat geïnformeerd, onder meer met het boek "Tegendruk" waaraan zijn eigen broer (de historicus Bruno De Wever) meewerkte…
Het boek "Tegendruk" brengt een beeld van de geheime pers die verspreid werd door verzetskernen tijdens de nazi-bezetting. Vanuit de vaststelling dat er veel literatuur bestaat over de collaboratie (en zelfs over de zogenaamde "repressie", de vervolging van nazi-collaborateurs na de oorlog) maar niet zozeer over het verzet (vreemd genoeg is de geschiedschrijving hierover een relatief recent gegeven), wordt geprobeerd een aantal aanzetten te geven om tot een beter beeld te komen over het verzet. Het concrete aanknopingspunt doorheen de verschillende bijdragen is de geheime pers.
Eerst en vooral moeten we vaststellen dat de bezetting de kritische zin van heel wat arbeiders en politieke activisten niet heeft gesnoerd. Integendeel, er waren honderden sluikbladen van verschillende politieke gezindten. Dit boek heeft de verdienste dat het zich niet beperkt tot één stroming, maar een aantal algemene lijnen schetst van hoe het verzet te werk ging en tevens probeert zo volledig mogelijk te zijn. Vandaar wordt zowel ingegaan op liberale verzetsbladen als op pakweg het sluikblad "Vrank en vrij" dat in Antwerpen werd uitgegeven door de groep rond Ernest Mandel en diens vader.
De officiële mediakanalen waren overgenomen door de Duitsers die er propagandakanalen van maakten om hun boodschap te verspreiden. Daar tegenover stonden zo’n 700 titels van sluikbladen (dat is het aantal dat op dit ogenblik bekend is). Die varieerden qua inhoud en professionaliteit. In een tijd dat een pamflet drukken geen evidentie was (zonder computers, printers, internet,…), werd vaak zelfs overgegaan tot handgeschreven kopies of amateuristisch vermenigvuldigde pamfletten en bladen. Reproductie en distributie waren niet evident en moesten met de grootste discretie worden afgewerkt. Tal van sluikbladen kwamen tot een einde op basis van repressie door de bezetters.
Toch valt het op dat er relatief grote oplagen waren voor bijvoorbeeld het blad "De Rode Vaan" van de Communistische Partij (KPB). Op 1 mei 1942 werd de pers van de KPB op 23.000 exemplaren verspreid, maar gewone exemplaren van "De Rode Vaan" haalden ook vaak 10.000 exemplaren! Het valse exemplaar van Le Soir dat het Onafhankelijkheidsfront op 9 november 1943 verspreidde, had een oplage van 50.000 exemplaren. Het bracht het Onafhankelijkheidsfront 350.000 frank op, een immens bedrag in die periode. Het valse exemplaar was gemaakt met dezelfde opmaak van Le Soir, maar een andere inhoud… Het werd in de plaats van de echte editie van Le Soir verspreid, tot grote ergernis van de bezetters.
De sluikpers stond sterker in Franstalig België, 71,5% van de teruggevonden sluikbladen waren Franstalig. 31,8% werd in Brussel gemaakt, tegenover 12% in Luik en slechts 6,6% in Antwerpen. Er was een rijke variatie aan politieke strekkingen in de Antwerpse sluikbladen. Van het liberale "De vrijheid" over de Rode Vaan tot het blad van de groep-Mandel ("Het vrije woord") werd uitgehaald tegen de nazi-bezetting. Dat dit niet evident was, blijkt bijvoorbeeld uit het feit dat redacteur Bert Van Hoorick (die vanaf juni 1941 van Aalst naar Antwerpen was gestuurd om De Rode Vaan uit te brengen) zelf niet op de hoogte was over de plaats waar zijn blad werd gedrukt. Naast de politieke bladen waren er ook heel wat syndicale groepen die eigen sluikbladen uitbrachten. Zo was er op de Mercantile het blad "Waarheen?" dat op enkele honderden exemplaren werd verspreid.
De verhalen over de productie en verspreiding van de sluikpers met nadruk op deze in het Antwerpse bieden een beeld van de geschiedenis van het verzet. Dit aspect van de anti-fascistische geschiedenis is vaak onderbelicht gebleven en biedt dan ook interessante informatie aan. Het opzet van dit boek om met verschillende bijdragen aspecten van de sluikpers te belichten, zorgt er wel soms voor dat er geen samenhangend geheel wordt aangeboden en sommige elementen niet uitgewerkt worden. Het kan echter een nuttige aanzet zijn om te komen tot een studie van de politieke voorstellen die werden gedaan door de verschillende verzetsgroepen en de impact die deze hadden.
Alleszins maakt dit boek duidelijk dat de uitspraken van Bart De Wever over het verzet en de houding van het Antwerpse stadsbestuur tijdens de bezetting absolute nonsens zijn. In dit boek wordt aangehaald hoe het aantal Joden dat in Antwerpen werd opgepakt hoger lag dan elders in het land, het communistische verzet haalde dit uitdrukkelijk aan en stelde dat oorlogsburgemeester Delwaide hiervoor zou herinnerd worden. Wat effectief het geval is gebleken, zei het met de nodige vertraging. Bovendien wordt door een historische studie van de verzetsbladen eer gebracht aan de vele moedige anti-fascisten die hun leven riskeerden in de strijd tegen het nazisme.
Het boek "Tegendruk" is al eventjes uit en kaderde in een tentoonstelling die eind 2004, begin 2005 plaatsvond in Antwerpen. Naar aanleiding van die tentoonstelling was er ook site van het AMSAB.