ACW brengt voorzichtige kritiek op regeringsvorming

Het ACW heeft na de vele provocaties van de rooms-blauwe partijen dan toch een kritische positie naar voor gebracht over de plannen van de mogelijk toekomstige regeringspartijen. Na de aankondigingen van Leterme over onder meer de sociale verkiezingen, de afschaffing van de arbeidsrechtbanken, de cadeaus aan het patronaat en de opsplitsing van delen van de sociale zekerheid,… had de kritiek wel wat minder voorzichtig mogen zijn.

Het ACW, de overkoepeling waartoe ook het ACV behoort, publiceerde een opvallend standpunt over de plannen van de partijen die proberen een regering te vormen. Het ACW is natuurlijk traditioneel verbonden met de CD&V en het feit dat die partij voor het eerst sinds acht jaar mogelijk opnieuw tot de federale regering zal toetreden, werd er wellicht positief onthaald. Alleen is de vraag natuurlijk in welke mate CD&V het opneemt voor de eisen en bekommernissen die leven onder ACW-leden.

De afgelopen weken zijn er heel wat provocaties gekomen. Leterme had bijvoorbeeld voor de verkiezingen beloofd om op te komen voor syndicale vertegenwoordiging in KMO’s, maar komt daar nu op terug. Bovendien worden plannen gemaakt om uiteindelijk delen van de sociale zekerheid te regionaliseren, zelfs indien dit momenteel nog niet op directe wijze wordt voorgesteld. De plannen van roomsblauw deden SP.a-voorzitster Caroline Gennez reeds verleiden tot de uitspraak dat dit een regering van het grootkapitaal wordt. Niet dat het beleid van de vorige regering zo anders was…

Nu uit ook het ACW kritiek op de plannen van de roomsblauwe partijen. "De huidige stand van zaken betreffende de sociale agenda stelt ons niet gerust. Er dient een duidelijk evenwicht te zijn tussen economische, fiscale, sociale en ecologische politiek. De Christelijke Arbeidersbeweging zal krachtig reageren wanneer de sociale bekommernissen te weinig aan bod komen in de uiteindelijke regeringsverklaring."

Het ACW stelt dat de formateursnota wel concreet is op het vlak van lastenverlagingen en andere patronale cadeaus (zoals het opdrijven van de flexibiliteit van werknemers, vermindering vennootschapsbelasting,…), maar dat het veel minder concreet is als het gaat om pakweg de welvaartsvastheid van de sociale uitkeringen.

Rond een aantal concrete punten herhaalt het ACW haar standpunten. Zo verklaart de koepel: "Een vertegenwoordiging van werknemers in ondernemingen vanaf 50 volstaat niet als uitvoering van de Europese richtlijn over de vertegenwoordiging van werknemers. Voor het ACW moeten ook de werknemers uit kleine ondernemingen echt vertegenwoordigd worden", of ook: "Een afschaffing van de arbeidsrechtbanken zouden we zeker geen voorbeeld van goed bestuur noemen". Het ACW stelt ook: "Een kwaliteitsvolle gezondheidszorg moet voor iedereen toegankelijk zijn. Dit houdt in dat er voor het ACW geen remgeldverhogingen mogen komen, en dat de supplementen in de ziekenhuizen aan banden moeten worden gelegd."

De christelijke arbeidersbeweging komt op voor wat het een "rechtvaardig sociaal beleid" noemt en wijst daarbij onder meer op de noodzaak van een strijd tegen fiscale fraude. Ook verklaart ACW voorstander te zijn van een regulariseringsbeleid voor asielzoekers.

Dat is natuurlijk allemaal mooi, maar de vraag is hoe deze standpunten een politieke vertaling kunnen krijgen. Het is duidelijk dat CD&V er alleszins niet voor zal zorgen. De discussies tussen de roomsblauwe partijen geven toch net aan dat CD&V een andere richting uitgaat dan het ACW?

De kritieken van het ACW zijn daar net een uitdrukking van. Maar toch blijft het bij een voorzichtige kritiek die schijnbaar beperkt blijft tot een "waarschuwing" aan de CD&V-leiding om ook met het ACW rekening te houden. Het ACW-standpunt wordt afgesloten met een oproep aan de onderhandelaars om "een regeringsprogramma uit te werken dat sociaal rechtvaardig is en de meest kwetsbaren in de samenleving beter beschermt." Een dergelijke oproep zal bij de roomsblauwe partijen weinig indruk maken.

Naast de vraag of een loutere oproep voldoende indruk zal maken, zal ook de vraag naar de politieke vertegenwoordiging van de ACW-standpunten steeds concreter worden.