Sri Lanka. Officieel ‘verzoeningsrapport’ is een operatie-doofpot

Zoals te verwachten viel, is het officiële rapport van het Sri Lankaanse regime over de oorlog een negatie van de waarheid. Het rapport van de Onderzoekscommissie naar Geleerde Lessen en Verzoening (Lessons Learnt and Reconciliation Commission, LLRC) hanteert veel vaag taalgebruik om verwarring te zaaien. Maar het doel van het rapport is duidelijk: het vermoorden van tienduizenden Tamils en het gevangen nemen van honderdduizenden anderen rechtvaardigen.

Artikel door Manny Thain, Tamil Solidarity

Maar het gaat verder dan dit. De conclusies van dit rapport zullen verregaande en vernietigende gevolgen hebben voor het leven van de Tamilsprekende bevolking in het noorden en het oosten van het land. In dit rapport wordt de militarisering van de regio en het programma van nieuwe nederzettingen geofficialiseerd. Dat zal enkel leiden tot verdere verdeeldheid en toekomstige conflicten. We zullen later terugkomen met een meer gedetailleerde analyse van het document (dat bijna 400 pagina’s telt), maar willen nu al enkele opmerkingen publiceren over de conclusies van het rapport.

Het is belangrijk om steeds te weten wie dit rapport schreef en in opdracht van wie. De commissie werd samengesteld door het regime van Mahinda Rajapaksa die er alle belang bij heeft om het optreden van zijn regime te verdedigen. De commissie kan bezwaarlijk onafhankelijk worden genoemd.

Zelfs indien het probeert om een ‘neutrale’ opstelling te suggereren, wordt vertrokken vanuit het beleid dat staat voor een aanhoudende onderdrukking van Tamils en voor het verdedigen van het Singalese chauvinisme als onderdeel van een verdeel-en-heers-politiek tegen de arbeiders en armen doorheen Sri Lanka.

In een land met etnische spanningen en conflicten kunnen onderzoekscommissies na een conflict een belangrijke en progressieve rol spelen. Maar om echt onafhankelijk te staan tegenover de belangen van het politieke establishment, regionale machten en grote bedrijven, moeten dergelijke commissies worden samengesteld uit vertegenwoordigers van de arbeiders en armen uit alle gemeenschappen. Deze vertegenwoordigers moeten verantwoording verschuldigd zijn aan de mensen die ze vertegenwoordigen. Dit is absoluut niet het geval met de LLRC.

Het rapport beweert dat een “aanzienlijk aandeel” van “nieuwe interne vluchtelingen konden terugkeren naar hun eigen grond of terecht konden op een alternatieve plaats.” Er wordt niet uitgelegd wat dit in de realiteit betekent. Hoeveel mensen werden naar een andere plaats overgebracht en in welke omstandigheden? Er wordt ook niet uitgelegd dat tienduizenden mensen nu in gemilitariseerde zones leven, in de praktijk zijn dit kampen met verschrikkelijke omstandigheden waar er geen vooruitzicht op een degelijke toekomst is. Er wordt ook niet ingegaan op de tienduizenden Tamils die nog steeds worden vastgehouden.

Het rapport kondigt aan dat het noorden en het oosten van Sri Lanka zullen beheerd worden door een ‘regionale burgerlijke coördinatieverantwoordelijke’. Dit betekent dat er een lokale topman zal aangeduid worden door het regime. Deze lokale topman zal de heerschappij over het gebied krijgen. Het rapport stelt het voortbestaan van de militaire zones – als onderdeel van een bezettingsleger – in het vooruitzicht en dit gedurende een onbepaalde tijd.

Het rapport heeft het vaak over nieuwe vluchtelingen en oude vluchtelingen (die op de vlucht gingen voor de LTTE). Het doel daarvan is het minimaliseren van de verschrikkelijke omstandigheden en de aanhoudende onderdrukking waaronder Tamilsprekende mensen lijden, maar ook om etnische en religieuze tegenstellingen in de kaart te spelen. Daarbij moet worden opgemerkt dat de LTTE fouten heeft gemaakt die het voor het regime gemakkelijker maakten om op verdeeldheid in te spelen. Die mogelijkheid wordt met beide handen aangegrepen door de LLRC.

Opdat een strijd voor het nationale recht op zelfbeschikking succesvol zou zijn, moet het zich op sterke fundamenten baseren. De armen en onderdrukten van alle etnische en religieuze groepen in Sri Lanka zijn natuurlijke bondgenoten van elkaar. Ze worden allemaal geconfronteerd met dezelfde problemen van armoede, werkloosheid, gebrek aan onderwijs, huisvesting en uitzichtloosheid. Door dergelijke sociale thema’s naar voor te schuiven, is het mogelijk om verschillende strijdbewegingen van arbeiders en armen te verenigen waardoor het verzet sterker staat.

Het aanvankelijke militaire succes van de LTTE leverde deze groepering de controle op over grote delen van het land. De LLRC probeert nu in te spelen op het feit dat de LTTE geen stappen ondernam om eenheid over etnische en religieuze grenzen heen te creëren. Toen de wereldsituatie na de aanslagen van 11 september 2011 veranderde en de LTTE over minder middelen beschikte, werd die zwakte aangetoond. Het regime van Rajapaksa maakte er gebruik van in het kader van het brutale militaire offensief dat werd opgezet.

Het regime zal nu het rapport van de LLRC gebruiken als excuus om voet aan grond te krijgen in het noorden en het oosten door moslims in het oosten en Singalezen in Jaffna te vestigen. Dat is uiteraard een hypocriete positie. Het regime maakt op cynische wijze gebruik van deze gemeenschappen om ze in te zetten tegen de Tamils. Het is anderzijds noodzakelijk om te erkennen dat er onder vluchtelingen van alle gemeenschappen in Sri Lanka gerechtvaardigde eisen zijn.

Het beleid van Rajapaksa zal enkel leiden tot het versterken van het wantrouwen, verdeeldheid en toekomstige conflicten. Het rapport van de LLRC heeft als doel om de plannen van Rajapaksa daartoe legitiem te maken.