Recensie. “The Reader” – film over het nazi-verleden in Duitsland
De film “The Reader” zet aan tot nadenken. Onderwerp van de film is een liefdesverhaal tegen de achtergrond van het Duitse nazi-verleden. Het leven van het hoofdpersonage Michael Berg, een succesvolle advocaat, komt in aanraking met een kampbewaker van de SS. Een krachtige film, maar met een zwakke politieke boodschap.
De openingsbeelden brengen ons terug naar 1958 toen de tiener Michael verliefd werd op een oudere vrouw, Hanna Schmitz. Het contact gaat echter al snel verloren. Later ontdekt Michael echter dat deze vrouw een SS-bewaker was in de concentratiekampen van de nazi’s. Ze wordt uiteindelijk veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf.
Berg wordt geconfronteerd met een moreel dilemma. Hij zou Schmitz kunnen bijstaan met informatie die haar gevangenisstraf zou kunnen beperken. Hij doet dat niet. Toch wordt hij tot Hanna aangetrokken en probeert hij haar te helpen. Zijn eigen leven verandert door de onthullingen over haar verleden. Hij wordt afstandelijk en heeft een wantrouwen tegenover vrouwen.
De film brengt twee politieke ideeën naar voor. Het eerste is het idee dat het onmogelijk is om een nazi te herkennen. Op het ogenblik dat Berg Schmitz ontmoette, werkte zij voor het lokale openbaar vervoer en had ze een geïsoleerd maar schijnbaar normaal arbeidersleven.
Het tweede idee is hiermee verbonden, maar op een hoger niveau. Het gaat over de collectieve verantwoordelijkheid van Duitsland voor het verleden. Berg volgt een opleiding en wordt advocaat waarbij hij actief deelneemt aan de discussies over het Dutise nazi-verleden. Een student vraagt waarom er slechts een aantal mensen vervolgd worden terwijl iedereen wist dat er concentratiekampen waren.
De film is krachtig, maar de politieke boodschap is wat plat. Er wordt gedaan alsof iedereen een nazi zou kunnen zijn. Psychologen hebben het over de “totalitaire persoonlijkheid” om uit te leggen dat gewone mensen nazi’s kunnen worden. Een dergelijke visie beperkt de opkomst van het fascisme tot persoonlijkheden.
De opkomst van de nazi’s kan echter niet verklaard worden zonder in te gaan op de Europese geschiedenis tussen de twee wereldoorlogen. Dat was een tijd van economische crisis, van revolutie en contrarevolutie. De nazi’s konden zich opbouwen onder de geruïneerde middenklasse die de hoop op verandering door de arbeidersklasse had opgegeven en zich overgaf aan wanhoop. De Duitse heersende klasse financierde de nazi’s uit angst dat de arbeidersklasse de touwtjes in handen zou nemen.
In deze turbulente tijden werd de rede vervangen door de waanzin. De meeste intellectuelen en academici slikten de nazistische standpunten en leugens. De opkomst van de nazi’s was niet iets psychologisch en had niets met de genen van de Duitsers te maken, het was het resultaat van een klassensamenleving en de bijhorende strijd. De Duitse arbeidersklasse speelde een heroïsche rol in de strijd tegen de nazi’s. Als er al een collectieve schuldige moet gezocht worden in Duitsland, moet in de richting van de heersende klasse worden gekeken. Zij hebben immers de nazi’s gefinancierd en gesteund.
De nazi-slachters waren reële mensen. Schmitz zou gebaseerd zijn op Ilse Koch, de vrouw van de commandant van het kamp in Buchenwald. Zij reed vaak te paard door het kamp waarbij ook de gevangenen van de zweep kregen. Zij zou gevangenen met tattoos geselecteerd hebben om van hun huid een lampadair te maken. Dit soort barbaarse praktijken en figuren kan enkel aan de oppervlakte van de samenleving komen als de georganiseerde arbeidersklasse is verslagen. Dat is de waarschuwing van de geschiedenis.