Naar een plafond op toplonen?
Minister Vervotte kondigde aan dat ze wil onderzoeken of het mogelijk is om topmanagers bij overheidsbedrijven een plafond inzake de lonen op te leggen. Tegelijk stelde ze wel meteen dat de lonen “aantrekkelijk” moeten blijven. De bekendmaking van heel wat toplonen leidt opnieuw tot verontwaardiging en de aankondiging van exact dezelfde voorstellen als bij eedere bekendmakingen van toplonen…
De voorstellen van Vervotte lijken vooral te dienen voor de publieke opinie. Hoe de minister denkt in staat te kunnen zijn om plafonds op te leggen voor de toplonen in de deels geprivatiseerde overheidsbedrijven is bijvoorbeeld helemaal onduidelijk. Of denkt de minister dat de private partners bij pakweg De Post zomaar akkoord zullen gaan met een dergelijke maatregel?
Toplonen blijven stijgen
In 2007 gingen de toplonen opnieuw vooruit. 2006 was reeds een goed jaar voor de topmanagers die er maar liefst met 22% op vooruit gingen. Dat hoge percentage werd beïnvloed door een grote eenmalige operatie bij Albert Frère die enkele miljoenen extra opstreek. Ondanks het feit dat deze eenmalige operatie in 2007 was weggevallen, bleef er een stijging met 1,4% plaatsvinden.
Een gemiddelde CEO (topmanager) van een Bel-20 bedrijf kreeg in 2007 2,22 miljoen euro. Bij de hoogste lonen vinden we Didier Bellens (Belgacom), Pierre-Olivier Beckers (Delhaize), Jean-Paul Votron (Fortis), Albert Frère (GBL), Carlos Brito (InBev) en Gérard Mestrallet (Suez). Het loon van Bellens ging er met 37,4% op vooruit. Carlos Brito van Inbev haalde het hoogste loon met 4,29 miljoen euro, hij wordt gevolgd door Votron en Frère. De slechts betaalde topmanager was Jan Cassiman van Omega Pharma, nog steeds goed voor een jaarwedde van 475.000 euro.
Een plafond bij overheidsbedrijven?
De toplonen liggen bijzonder gevoelig bij de werkenden die hun reële loon zien dalen door de stijgende prijzen. De indexering van de lonen volstaat bijlange niet om die stijgende prijzen op te vangen. Sommige neoliberale economen pleiten zelfs onomwonden voor een forse daling van onze koopkracht (of correcter gezegd: een verderzetting van de daling van onze koopkracht).
Om dat verkocht te krijgen, zouden de topmanagers volgens sommige liberalen beter zelf ook wat zuiniger omspringen met de eigen lonen. Er kwamen reeds pleidooien in die richting van onder meer Karel De Gucht. Die schreef hierover een opiniestuk bij de bekendmaking van de toplonen van vorig jaar. Nu wordt dit idee nog eens opgerakeld door minister Vervotte die stelde dat ze wil nagaan of het mogelijk is om de vergoeding van de topmanagers van overheidsbedrijven te plafonneren. Dat plafond zou bepaald worden door een vergelijking met de normale toplonen in vergelijkbare bedrijven… Een soort loonnorm voor toplui dus. Een belangrijk probleem daarbij is natuurlijk dat de toplonen in de private sector evenzeer blijven stijgen en dat “loonnormen”voor topmanagers eerder inhouden dat de vergelijking wordt gemaakt met de hoogste lonen, het is enkel voor gewone werkenden dat steeds de vergelijking met lagere lonen wordt gemaakt.
Daarnaast is het maar de vraag of de overheid nog in staat is om een dergelijke maatregel op te leggen aan de deels geprivatiseerde en/of geliberaliseerde overheidsbedrijven waarin private partners het steeds meer voor het zeggen hebben.
We hebben eerder de indruk dat dit voorstel van Vervotte dient voor de publieke opinie en de illusie dat er iets gedaan wordt tegenover de toplonen. Dat kan nadien als argument dienen om verder onze koopkracht te ondermijnen.