Groen wil in regering als het Klimaatminister mag leveren

Groen heeft blijkbaar de negatieve ervaring van haar eerste regeringsdeelname reeds verwerkt. Toen werd de partij fors afgestraft en verdween ze uit het nationale parlement. In de regering had Groen immers geen enkel verschil gemaakt. Nu wil Groen die ervaring nogmaals overdoen. Maar nu wordt wel een voorwaarde gesteld: de partij wil de klimaatminister leveren die Verhofstadt eerder beloofde…

Een klimaatbeleid was niet direct een belangrijke voorwaarde, maar het postje van klimaatminister is natuurlijk wel interessant. Als we de volgende klimaatminister mogen leveren, stappen we in de regering. Zo stelde Vera Dua. En meer nog: "We zijn al gepolst." De vreugde kan niet op, het verdelen van de postjes kan maanden voor de verkiezingen al beginnen. Na het examen voor de lijsttrekkers, kan het examen voor het ministermandaat reeds worden opgemaakt.

De sociaal-democratie wil maar al te graag de Groenen mee in bad trekken, zelfs al was het maar om het eigen groene profiel te kunnen aanscherpen. Laat de groenen nogmaals bewijzen dat ze geen verschil maken, en de sociaal-democratie kan opnieuw gerust zijn. Dat moet onder meer Di Rupo hebben gedacht toen hij liet verstaan dat de deur blijft openstaan voor de Groenen.

Die openstaande deur wordt door de leiding van Groen als een godsgeschenk aanvaard. Dua stelde in De Standaard: "De milieu-uitdagingen zijn te groot om dit keer langs de zijlijn te blijven staan. We staan voor een kantelmoment, een historische kans. Net als na de Tweede Wereldoorlog, toen een sociaal pact werd gesloten dat de basis legde voor onze sociale zekerheid, moeten we na de verkiezingen van juni een ecologisch pact sluiten. We mogen de trein niet meer missen. De komende tien, twintig jaar zijn cruciaal."

De groenen willen dat een volgende regering meer inspanningen levert rond het milieu met een daling van de CO2-uitstoot. Het belangrijkste punt lijkt echter het postje van klimaatminister te zijn. De groenen waarschuwen wel terecht (en mogelijk ook tegenover het beleid dat ze zelf zullen voeren vanuit de regering – indien dit hetzelfde is als bij de vorige ervaring): "Als puntje bij paaltje komt, kiest men niet voor het milieu maar voor de economie. Er wordt door onze politici veel over de klimaatverandering gepraat, maar er wordt niet naar gehandeld." In dit systeem staan de belangen van de grote bedrijven centraal en volgen de politici de wensen van het patronaat. In die zin wordt de economie voor het milieu geplaatst. Een echte andere politiek zou ingaan tegen de belangen van het patronaat door de belangen van de arbeiders en hun gezinnen centraal te stellen, ook hun ecologische belangen.

Wij denken dat Groen in de regering reeds heeft bewezen waar de partij voor staat. Er werd gediscussieerd over taksen die ons het leven zuur maken. Maar een echt andere politiek hebben we niet gezien. Het feit dat nu zo sterk de nadruk wordt gelegd op het postje van klimaatminister doet bij ons alvast het vermoeden versterken dat er ook nu geen verschil zal worden gemaakt door de eventuele groene ministers.