Politici en hun vetpotten

De verontwaardiging naar aanleiding van de opzegvergoeding van de liberale fractieleider Sven Gatz is groot. De man nam zelf vrijwillig ontslag, maar kreeg toch een omvangrijke opzegvergoeding die maar liefst oploopt tot 34 maanden. Politici die zelfs bij vrijwillig ontslag 300.000 euro vangen en bovendien kunnen genieten van een rijkelijk pensioen, zijn wereldvreemd als ze het hebben over besparingen op onze arbeidsvoorwaarden en pensioenen.

Na een loopbaan van 17 jaar in het parlement kan Gatz op een vergoeding van bruto zowat 300.000 euro rekenen. Eerst en vooral moeten we vaststellen dat een gewone werknemer die zelf ontslag neemt, geen recht heeft op een dergelijke vergoeding. Integendeel, wie zelf ontslag neemt moet in principe een opzegtermijn uitdoen. Wie dat niet doet, kan in theorie zelfs gedwongen worden om een opzegvergoeding aan de baas te moeten betalen. In het parlement zit dat anders in elkaar. Wie wordt verkozen en het zelf aftrapt, krijgt er een financieel cadeau bovenop.

Ook de hoogte van de vergoeding is opmerkelijk. Een gewone bediende krijgt – bij ontslag door de werkgever – drie maanden opzegvergoeding per begonnen periode van 5 jaar dienst. Na 17 jaar dienst komen we dan aan 12 maanden. Een arbeider zal het met een vergoeding van enkele weken moeten doen. Maar Gatz kan dus rekenen op 34 maanden.

Verder maakt dit geval nog eens duidelijk hoe groot het verschil is tussen de lonen van parlementsleden en gewone werkenden. Met een jaarloon van zowat 100.000 euro bruto zitten parlementsleden wel ver boven het gemiddelde. Bovendien hebben ze na 20 jaar dienst recht op een volledig pensioen. Als 44-jarige zit Gatz op drie jaar van zijn recht op een volledig pensioen. Ongetwijfeld zal een onvolledig pensioen ook al best meevallen in deze kringen.

Het is niet moeilijk dat in deze kringen amper wordt beseft wat de gevolgen zijn van hun besparingsplannen. Voor hen is het geen probleem om wettelijk vast te leggen dat onze lonen niet meer mogen stijgen dan met 0,2% op twee jaar tijd. Zelf zullen ze er geen flesje champagne voor laten. Al diegenen die voorstellen om te besparen op lonen en uitkeringen zouden zelf eens een paar maanden op de hongerlonen moeten worden gezet die ze anderen voorstellen. Van iemand anders iets vragen waar je zelf niet toe bereid bent, getuigt immers niet van verantwoordelijkheidszin.

Gatz is als goede liberaal uiteraard zelf hypocriet. De man stelde jarenlang in het palrment dat iets moest gedaan worden aan buitensporige vergoedingen om vervolgens zelf zo’n vergoeding op te strijken. “Ik bepleit al tien jaar een wijziging, maar als de regels nog altijd zijn wat ze zijn, en ik nu recht heb op die uitkering, vind ik dat ik dat recht mag uitoefenen,” stelde hij. Het is inderdaad een pikant detail: de vetpotten van de politici zijn beslist door de politici zelf.

Politici van zowat alle partijen reageerden op de vergoeding van Gatz, ze noemden het allen in koor onrechtvaardig. Intussen genieten ze allemaal evenzeer mee van de parlementaire vetpotten. Wij staan voor een andere optie: verkozenen die leven aan het gemiddelde loon van een geschoolde werknemer. Onze Ierse parlementsleden leven aan een dergelijk loon en staan al de rest af aan de partij en aan campagnes.