Politieke spanningen in Bangladesh nadat er 28 doden vielen bij geweld

Bij rellen in Bangladesh vielen minstens 28 doden, waaronder drie politici van de aftredende regering onder leiding van de Bangladesh National Party (BNP) van premier Khalida Zia. Er vielen bij 4 dagen van geweld honderden gewonden. Het geweld kwam er na de aanstelling van KM Hassan, een gepensioneerde rechter die verbonden is met de aftredende regering, in een voorlopige regering.

Khalid Bhatti, Socialist Movement Pakistan (SMP – CWI Pakistan), Lahore

De regering van Zia eindigde vorige week zaterdag haar termijn van 5 jaar en vroeg KM Hassan om een voorlopige regering te leiden die parlementsverkiezingen moet organiseren in januari 2007. De alliantie van oppositiepartijen weigert echter om Hasan te aanvaarden als ‘zorgdrager’ van een voorlopige regering. Hasan was vroeger immers lid van de partij van Zia en kan niet gezien worden als ‘onafhankelijk’. Nochtans vereist de grondwet dat een voorlopige regering geleid wordt door een onafhankelijke.

De aanstelling van Hasan leidde tot rellen in de hoofdstad Dhaka en elders in het land. Na gewelddadige protestacties en confrontaties probeerde Hasan zelf tussenbeide te komen om de protestacties te beëindigen.

Het geweld ging echter verder op zondag en maandag. De oproerpolitie gebruikte traangas, rubberkogels en vuurde waarschuwingsschoten af om de duizenden stenen gooiende betogers in Dhaka af te schrikken. Een woedende menigte stak verschillende auto’s in brand en vernielde de kantoren van de partij van Zia.

Dhaka is een stad met 10 miljoen inwoners en werd virtueel afgesloten van de rest van het land omdat duizenden actievoerders de grote invalswegen blokkeerden. Vorige maandag begonnen de acties wat af te nemen waarop een nieuwe crisis ontwikkelde toen de partijen er niet in slaagden om tot een akkoord te komen inzake een voorlopige regering. President Iajuddin Ahmad nam toen de touwtjes in handen.

Die stap van de president leidde tot een nieuwe golf van geweld. De crisis werd nog scherper omdat geen van beide kampen toegevingen wou doen om een einde te maken aan de politieke crisis. De alliantie van oppositiepartijen onder leiding van de Awami League (AL) van Hasina Wajid sprak zich uit tegen de zelfaanstelling van de president als hoofd van een voorlopige regering. De alliantie riep op tot een algemene staking op maandag en dinsdag om te protesteren tegen de voorlopige regering. Bangladesh kwam effectief tot een halt en duizenden mensen namen deel aan betogingen en protestacties in heel het land.

Vrees voor militaire interventie

De oppositiepartijen in Bangladesh hebben voorlopig geen verdere acties gepland omdat ze vrezen dat meer bloedvergieten zouden leiden tot een militaire interventie. De beslissing van de Awami League om geen verdere grote acties te plannen is anderzijds ook een poging van de AL om te vermijden dat de protestacties een te grote dynamiek op gang brengen. Sakhawat Hussain, een gepensioneerde militair en analist, stelde de situatie als volgt voor: “De afgelopen twee dagen hadden we het niet meer onder controle. Het land stond op springen en er waren ernstige geruchten over een militaire tussenkomst om opnieuw de controle te verwerven. Ik werd geïnformeerd dat er in het leger een oproep was om binnen het uur te kunnen optreden. Dat zou een catastrofe betekend hebben voor de democratie. De militaire top heeft dat plan tijdelijk opgeborgen, maar de mogelijkheid van een militaire interventie is er nog steeds.”

De voormalige topman van de veiligheidsdiensten stelde dat “de generaal wachten op een kans om een militaire heerschappij over het land op te leggen en de politici proberen nu die kans aan te bieden.” Atuar Rahman, een professor politicologie aan de universiteit van Dhaka, stelde: “Een volledige verwerping en een meer agressief protestprogramma zou ertoe geleid hebben dat het geweld in de politiek gepolariseerde natie volledig buiten controle zou gegaan zijn. De oppositiepartijen hebben zich gerealiseerd dat er naast de optie (om de president als hoofd van een voorlopige regering te aanvaarden) enkel het leger is.”

De AL stopte haar acties na eerdere beloftes om het land volledig plat te leggen met een algemene staking van onbepaalde duur. In de praktijk hebben alle partijen nu de voorlopige regering aanvaard, maar de politieke crisis is nog niet voorbij. Iedere fraude of geweld bij de verkiezingen kan leiden tot een ernstige crisis met een militaire interventie. Zelfs een tijdelijke interventie door het leger, zoals tijdens een noodtoestand, zou een eerste stap kunnen zijn naar een mogelijke militaire staatsgreep. De situatie is nog steeds onstabiel.

Bangladesh kent een lange geschiedenis van politieke onrust. Na de onafhankelijkheid van Pakistan in 1971 kende het gedurende meer dan 15 jaar een militair bewind. Zowel Khalida Zia als oppositieleidster Hasina Wajid waren leiders van een pro-democratie beweging in de jaren 1990. Die beweging maakte een einde aan het regime van de laatste militaire dictator, generaal Hussain Muhammad Irshad. De twee leiders van de democratische oppositie zijn sindsdien in een onderlinge politieke ruzie verwikkeld.

Oude vrees leeft weer op

Zowel de BNP als de AL weten dat ze wellicht onvoldoende stemmen zullen halen om de macht te verwerven zonder allianties te moeten vormen met andere partijen, zelfs indien die er een andere ideologie op nahouden. Beide partijen zijn zich aan het voorbereiden op de parlementsverkiezingen van januari 2007. Verschillende zakenlui, industriëlen, bureaucraten en gepensioneerde generaals zijn aan het lobbyen om kandidaat te kunnen zijn in de strijd om de parlementszetels. Ze geven miljoenen aan beide kapitalistische partijen. Ze willen kandidaat zijn, zonder enige ideologische invulling, programma of enige loyauteit tegenover deze partijen, laat staan tegenover de bevolking.

Beide grote partijen willen zoveel mogelijk zakenlui, industriëlen, corrupte bureaucraten en voormalige generaals tevreden stellen. Ze hebben allianties gevormd om de verkiezingsstrijd aan te gaan. De BNP van Khalida Zia leidt een alliantie van vier partijen, waaronder de belangrijkste islamitisch fundamentalistische partij, de Jamati Islami. Deze alliantie won de vorige verkiezingen in 2001 met een ruimte twee derde meerderheid. De Awami League van Hasina Wajid leidt een alliantie van 14 partijen, waaronder ook de zeven linkse partijen. Beide partijen hebben de afgelopen 15 jaar het land reeds gecontroleerd: 10 jaar lang regeerde de BNP en de AL 5 jaar. Hasina is de dochter van de leider van de onafhankelijkheidsstrijd, sjeik Mujibur Rehman. Die kwam in 1975 om tijdens een militaire staatsgreep onder leiding van Ziaur Rehman, de man van Khalida Zia. Ziaur Rehman kwam later zelf om tijdens een militaire staatsgreep in 1981. De dood van beide leiders opende de weg op het politieke toneel voor hun erfgenamen.

Vorig jaar waren er 18 nationale stakingsdagen van de AL en haar bondgenoten om te protesteren tegen de rechtse BNP-regering. Er vielen daarbij meer dan 129 doden en honderden gewonden. Deze stakingen en gewelddadige uitbarsten van protest zullen ook na de verkiezingen verder gaan. De partij die verliest, zal de resultaten wellicht niet aanvaarden en zal overgaan tot stakingsacties. Er is echter geen fundamenteel verschil tussen het programma van de BNP en dat van de AL. Beide partijen staan voor een neoliberaal programma dat de vrije markt verdedigt. Beiden volgen de adviezen van de Wereldbank en het IMF om sociale besparingen en privatiseringen op te leggen. Ze staan beiden voor een anti-arbeidersbeleid. Eens aan de macht wordt bovendien gebruik gemaakt van het staatsapparaat om bewegingen en acties van de arbeiders te onderdrukken. Ondanks haar geschiedenis is de Awami League op dat vlak niet anders dan de BNP en biedt het geen echt alternatief aan.

Groeiende woede

Er is heel wat arbeidersstrijd in Bangladesh op dit ogenblik. De textielarbeiders staan vooraan in de opleving van strijd. Er is een breed verspreid ongenoegen tegenover de kapitalistische politici en hun partijen. Beide grote kapitalistische partijen hebben heel wat steun onder de arbeiders verloren. Het toenemend aantal stakingen en strijdbewegingen toont deze toename van woede en desillusie.

De stakingen en betogingen in de textielindustrie zijn zowat dagelijkse routine geworden. Er waren het afgelopen jaar 102 grote stakingen in verschillende textielbedrijven en meer dan 84 protestbetogingen. De textielarbeiders komen op tegen de slavencondities waarin ze moeten werken, tegen het niet-betalen van de lonen en onbetaalde overuren, de lage lonen,… Andere sectoren van de arbeidersklasse komen ook naar buiten met hun woede. Er zullen na de verkiezingen nog meer van dit soort acties en bewegingen volgen als er niet wordt tegemoetgekomen aan de eisen van de arbeiders. Als de AL de verkiezingen wint en er niet in slaagt om iets te doen voor de arbeiders en de armen, zal de toename van de strijd van de arbeiders explosief worden.

Er waren in Bangladesh reeds grote protestbetogingen tegen de stijgende voedselprijzen en de tekorten aan energie en brandstof. De voedselprijzen stegen de afgelopen twee maanden met 45% en brandstof – vooral diesel – is schaars geworden. De elektriciteit wordt geregeld enkele uren per dag afgesloten. Vooral de voedselprijzen leiden tot een verscherping van de protestacties. De opeenvolgende regeringen hebben voedselsubsidies afgeschaft op bevel van het IMF en de Wereldbank.

De arbeidersklasse vecht terug, maar er is geen echt politiek alternatief aanwezig in Bangladesh. De stalinistische Communistische Partij en de maoïstische Arbeiderspartij slagen er niet in om een alternatief te bieden. Dit zijn twee grote linkse partijen die de oude fouten herhalen en allianties vormen met de zogenaamde “progressieve” kapitalistische partijen. In plaats van een onafhankelijk arbeidersalternatief op te bouwen en zich te positioneren op de verdediging van de arbeiders en de armen, lopen ze de politiek van de kapitalistische Awami League achterna. Die aanpak komt voort uit de failliete stalinistische “tweestadiatheorie”. Dat betekent in essentie dat een strijd voor socialisme in een land als Bangladesh nog niet kan en dat het land eerst moet ontwikkelen tot een moderne kapitalistische samenleving nbaar West-Europees model. Het kapitalisme is echter niet in staat om in Bangladesh tot een dergelijke ontwikkeling te komen. Dat is onhaalbaar op politiek en economisch vlak.

De crisis in Bangladesh kan pas beëindigd worden als het kapitalisme wordt overwonnen. Het kapitalisme is een systeem van crisis, armoede en oorlog. Enkel socialisme biedt een antwoord op dat systeem.