Eurocrisis maakt keuze duidelijker: socialisme of barbarij

Vier jaar na het begin van de financiële crisis is deze allesbehalve voorbij. Nu pas beginnen de gevolgen in Europa zich echt te laten voelen. De Zuid-Europese bevolking is het grootste slachtoffer van het falen van de Euro en het neoliberale Europa. Het harde besparingsbeleid leidt tot sociale drama’s maar ook tot protest. De mokerslag van het Europa van het kapitaal voor de levensstandaard van de meerderheid van de bevolking in Zuid-Europa moet dringend beantwoord worden met een sterke eengemaakte vuist van de volledige Europese arbeidersbeweging.

Artikel door Jonas Van Vossole vanuit Portugal

Basis van het probleem: kapitalisme

Gemakshalve en niet zonder enig racisme wordt ons voorgeschoteld dat de crisis in Zuid-Europa veroorzaakt is door de luiheid, corruptie en inefficiëntie in deze landen. Dat klopt niet. Griekse, Portugese en Spaanse werkenden zijn gemiddeld meer uren en meer jaren aan de slag dan hun Duitse collega’s. Voor de bankencrisis van 2008 en de redding van de banken met overheidsmiddelen, kenden Spanje en Portugal een relatief kleinere publieke schuld dan pakweg Frankrijk of Duitsland.

De crisis in Zuid-Europa is het resultaat van de kapitalistische productiewijze en wordt versterkt door het Europese ontwikkelingsmodel. De EU heeft steeds de belangen van het kapitaal van de belangrijkste lidstaten verdedigd, in de eerste plaats het Duitse en Franse industriële en financiële kapitaal. De Europese Gemeenschap en de Eurozone zorgden ervoor dat de exportmarkten groter werden en dat iedere belemmering voor export naar het zuiden wegviel. Bovendien waren er zeer winstgevende en stabiele investeringsmogelijkheden op een ogenblik dat de winstgevendheid van investeringen in bijvoorbeeld Duitsland onder druk kwam te staan.

Door de groeiende import en de buitenlandse investeringen ontstond in Zuid-Europa onvermijdelijk een negatieve handelsbalans. De eigen producten werden weg geconcurreerd en vervangen door import. Deze import vereist een netto instroom aan kapitaal en dit werd voorzien door banken uit de kern van de EU die na de invoering van de Eurozone winstgevende en schijnbaar risicoloze investeringsmogelijkheden in Zuid-Europa zagen. De industriële en agrarische productie in Zuid-Europa werden afgebouwd, tegelijk was er een opmars van krediet en vastgoedzeepbellen.

Het uiteenspatten van de vastgoedzeepbel en de bankencrisis werden opgevangen met publieke middelen die de staatsschulden de hoogte in joegen. Dat leidde tot zware besparingsoperaties die mee werden opgelegd door de trojka van Europese Commissie, Europese Centrale Bank en Internationaal Monetair Fonds.

‘Zelfmoordbegroting’ in Portugal

Bij iedere nieuwe besparingsronde wordt de sociaal-economische rampspoed verder opgedreven. De nieuwe begroting voor 2013 van de rechtse PSD-CDS regering van Pedro Passos Coelho is er het laatste voorbeeld van.

Bovenop alle eerder genomen maatregelen door de huidige en de vorige regering, volgen nogmaals een reeks privatiseringen van de luchthavens, de nationale luchtvaartmaatschappij en de post. Er worden nogmaals 11.000 ambtenaren afgedankt. De inkomstenbelasting stijgt terwijl de pensioenen, lonen en uitkeringen dalen en de prijzen stijgen. De budgetten voor de ministeries van gezondheidszorg en onderwijs zullen volgend jaar met respectievelijk 3,5% en 17% afnemen!

Het besparingsbeleid leidt niet tot groei, het leidt in zowel Spanje als Portugal tot een neerwaartse spiraal. De Portugese economie kromp vorig jaar met 1,5%, dit jaar kan dat oplopen tot -3,7%. In Spanje wordt dit jaar een krimp van 1,5% verwacht en volgend jaar nog eens -0,5%. Die negatieve cijfers drijven de overheidsschulden verder de hoogte in. In Portugal gaat het intussen al om 118% van het BBP. Hoe volgzamer de regeringen de besparingsprogramma’s uitvoeren, hoe slechter de economische en budgettaire situatie.

Het IMF moest in oktober zelfs erkennen dat het besparingsbeleid voor een neerwaartse spiraal in de economie zorgt en dat haar eigen modellen niet kloppen. Die vaststelling leidde overigens niet tot een koerswijziging.

Sociale en politieke onrust

De opeenvolgende besparingsplannen leiden niet tot een uitweg uit de economische crisis. Bovendien leiden ze tot een steeds scherpere sociale crisis met massale werkloosheid en armoede. De Spaanse en Griekse jongerenwerkloosheid bedraagt meer dan 50%, in Portugal intussen meer dan 30%. Een vijfde van de Portugezen en Spanjaarden leeft onder de armoedegrens met een inkomen van minder dan… 360 euro per maand! Tienduizenden jongeren trekken naar het buitenland in de hoop daar wel werk te vinden.

Dit ondermijnt de positie van alle gevestigde instellingen. Het enige antwoord van het establishment op het ongenoegen en het sociale protest bestaat uit repressie. Een spiraal van repressie en geweld werpt herinneringen op aan de autoritaire en fascistische regimes van weleer. Rechts-populistische en nationalistische stromingen versterken zich. Binnen de politieke en economische elite is er meer en meer verdeeldheid.

Naar eengemaakt Europees verzet!

Het protest tegen het besparingsbeleid blijft aanhouden. Op 15 september bracht een Facebookmobilisatie onder de titel “Fuck off trojka, we willen ons leven terug” maar liefst een miljoen mensen op de been in Portugal! Op 29 september volgde een betoging van de vakbondsfederatie CGTP met 300.000 aanwezigen. Op 13 oktober bracht de culturele sector tienduizenden betogers op de been. De mobilisaties volgen elkaar snel op.

Op 14 november komt er een algemene staking in zowel Portugal als Spanje. Wellicht zullen er gelijkaardige acties zijn in Griekenland, Cyprus en Malta. In de rest van Europa zullen er beperktere acties zijn. Een strijdbare gezamenlijke algemene staking in het zuiden van Europa is een belangrijke stap in de opbouw van eengemaakte strijd doorheen Europa. Het besparingsbeleid is overal in Europa hetzelfde, ook al zijn er verschillen in het ritme en de omvang van de aanvallen.

Daartegenover is er nood aan gezamenlijk verzet waarbij de strijd effectief wordt georganiseerd met een actieplan gebaseerd op het informeren en mobiliseren van brede lagen van de werkende bevolking en de jongeren. Op deze basis zou een echte algemene staking op Europees niveau mogelijk zijn.

Als we de dictatuur van de markten zijn gangen laten gaan, dan zal Zuid-Europa verder afglijden naar meer armoede, honger en repressie. De keuze wordt er steeds duidelijker een van barbarij of socialisme. De markten bieden ons barbarij, de arbeidersbeweging moet opkomen voor een breuk met het kapitalisme.

De Spaanse en Portugese zusterorganisaties van LSP pleiten voor linkse eenheid op basis van een programma dat steunt op de stopzetting van de afbetaling van de staatsschuld, de nationalisatie (onder arbeiderscontrole en beheer) van de belangrijkste sectoren in de economie (waaronder de financiële sector), een kapitaalcontrole en een publiek monopolie op in- en uitvoer. Dat moet de gemeenschap toelaten om over de middelen te beschikken waarmee werk kan gecreëerd worden en de koopkracht wordt gegarandeerd. Een dergelijk socialistisch programma is de enige manier om een perspectief aan de strijd te geven. Het concretiseren ervan zou een voorbeeld vormen voor de rest van Zuid-Europa en bij uitbreiding de wereld.


Spanje. Ongenoegen, nationalisme en repressie

Het Spaanse besparingsbeleid wordt onverminderd verdergezet. Wie het daar niet mee eens is, botst steeds meer op repressie. Nadat eerder nieuwe regels werden ingevoerd om gemaskerd betogen of zelfs gewoon blokkades te bestraffen, werd nu ook besloten om sancties op te leggen als bepaalde beelden van politierepressie in de media opduiken. De autoriteiten aarzelen niet om protestbewegingen te infiltreren, met rubberkogels op betogers te schieten of illegale razzia’s te houden. De toenemende sociale tekorten leiden ook tot een opmars van regionalistische gevoelens in Catalonië en Baskenland. Er is nood aan een degelijke syndicale mobilisatie voor 14 november en een sterk politiek antwoord van de linkerzijde. Verenigd Links (IU) moet zich niet richten op de traditionele politici, maar op de strijd van de gewone bevolking.

Griekenland. Terugkeer van arbeidersstrijd

Eind september en begin oktober vonden twee nieuwe algemene stakingen plaats in Griekenland. De besparingsregering wordt gekenmerkt door schandalen. Ze kan ten val gebracht worden door massale stakingsacties, bezettingen en een algemene staking van onbepaalde duur. Een aantal strijdbare vakbondsafdelingen schaart zich achter het idee van een oplopend actieplan om de regering ten val te brengen. De linkerzijde moet in het offensief gaan om een linkse regering te vormen op basis van een programma van de weigering van de afbetaling van de schulden, nationalisatie van de banken en de sleutelsectoren van de economie, democratische controle op de samenleving. Om daartoe te komen zal een massabeweging noodzakelijk zijn.

Elders…

Op 20 oktober was er in Londen een massale betoging tegen de Britse besparingspolitiek van Conservatieven en Liberaal-Democraten. Er waren naar schatting 150.000 deelnemers. Tegelijk werd ook in Glasgow en Belfast betoogd. Strijdbare syndicalisten en socialisten eisten van de vakbondsleiding dat een datum voor een algemene staking wordt vastgelegd. In Parijs waren er op 29 september 50.000 betogers tegen het Europese besparingsbeleid. De oproep voor de betoging kwam van een 60-tal organisaties met een voortrekkersrol van het Front de Gauche van Mélenchon.