Allemaal inleveren?

Politici en hoogwaardigheidsbekleders vallen elkaar bijna over de voeten met hun boodschappen dat we nu eenmaal allemaal zullen moeten inleveren. De afgelopen dagen kwam er enige ruis op die boodschap met het bericht dat het koningshuis opslag krijgt, net zoals de ministers zelfs. N-VA reageerde verontwaardigd, maar voert op Vlaams niveau exact hetzelfde beleid. Het budget voor de partijdotaties in het Vlaams Parlement stijgt met 3,3%.

Op 16 december, twee weken na de vakbondsbetoging van 2 december en zes dagen voor de staking van het personeel in de openbare sector, besloot de regering om de eigen lonen op te trekken. Het Nieuwsblad op Zondag meldde dat de lonen van de premier en de vice-premiers van 224.000 naar 248.000 euro bruto per jaar stijgen, die van de ministers van 220.000 naar 238.000 en die van de staatssecretarissen van 210.000 naar 227.000. Voor alle duidelijkheid: dit komt neer op een loon van zowat 20.000 euro bruto per maand! Mensen met een dergelijk loon komen gewone werkenden vervolgens zeggen dat zij moeten inleveren? Dat is pas onverantwoord!

De ministers waren er snel bij met de mededeling dat ze uit de lucht vallen en dat het om een fout moet gaan, het document zou door de vorige regering zijn opgemaakt. Het excuus dat ze het niet wisten, ondermijnt hun geloofwaardigheid enkel nog meer. Blijkbaar krijgt een minister 238.000 euro bruto per jaar (of was het toch 220.000?) om maatregelen goed te keuren zonder er op te letten om welke maatregelen het gaat?

Eerder werd bekend dat ook Albert en co meer krijgen in 2012. Volgens de N-VA zou het koningshuis in 2012 zowat 3% opslag krijgen en goed zijn voor een dotatie van 14,3 miljoen euro. Het gaat om een stijging met 423.000 euro. Minister Van Ackere kondigde aan de cijfers te zullen onderzoeken, Albert verklaarde zelf dat hij wel degelijk wil besparen. N-VA topman Theo Francken verklaarde: “De koning zegt in zijn kerstboodschap dat iedereen offers zal moeten brengen om uit de crisis te geraken. Iedereen behalve hijzelf en zijn familie”.

Francken vergist zich, het koningshuis is niet de enige uitzondering. En dan hebben we het niet enkel over de federale ministers die meer krijgen. In het Vlaams parlement, waar de partij van Francken mee in de meerderheid zit, werd beslist om het bedrag voor de dotaties aan de partijen en de werkingstoelage aan de fracties op te trekken van 11,32 naar 11,7 miljoen euro. Dat betekent dat er 380.000 euro bijkomt of een opslag van 3,3%.

Daarover maakt de partij van Francken en De Wever geen heisa. Is het omdat ze zelf kunnen mee profiteren van die opslag? Op zijn minst kan worden vastgesteld dat de toppolitici wel bijzonder hypocriet zijn in hun retoriek. Ze willen iedereen behalve zichzelf en de economische machthebbers laten opdraaien voor de crisis. En zelfs indien er symbolische maatregelen worden genomen, kunnen de ministers en parlementsleden niet klagen.

Met een maandloon als minister tot 20.000 euro bruto per maand, met parlementsleden die na 20 jaar een volledig pensioen krijgen (na één ambtstermijn krijgt een parlementslid 1292 euro bruto pensioen, na 20 jaar wordt dat 5.170 euro bruto, uiteraard bovenop andere pensioenen) en bij niet-verkiezing niet moeten terugvallen op een werkloosheidsuitkering maar van een riante uittredingsvergoeding kunnen genieten, staan de toppolitici mijlenver af van de sociale omstandigheden waarin wij leven. Dat is overigens één van de redenen waarom parlementsleden van zusterpartijen van LSP in het buitenland leven aan een gemiddeld arbeidersloon en de rest afstaan aan campagnes en aan de partij.

Waar halen de politici van de gevestigde partijen het lef om de hardwerkende gewone mensen in dit land "onverantwoordelijkheid" te verwijten als ze opkomen tegen de aanvallen op hun pensioenrechten en hun koopkracht?